LogoAdVanDerHelm
  • 350x900 Rotterdamsebaan zegening2
  • 350 height adintorentje
  • 350 height vredesplein

In de uitzending bij Den Haag FM

2022 08 02 DHFM
© Den Haag FM

Priester Ad van der Helm: 'Ik ben gedreven door het geluk van mensen'

DEN HAAG - Katholiek priester en voorzitter van de Haagse raad van kerken, Ad van der Helm, wordt gedreven door het geluk van andere mensen. Dit vertelt hij in het radioprogramma Vrijmibo op Den Haag FM.

Ad van der Helm: 'Mijn drijfveer is het geluk van mensen. Hoe kan ik mensen in hun kracht zetten? Hoe kan ik mensen over hun verdriet en moeilijkheden heen zien komen? Er zijn soms mensen die erg zwaar getroffen worden door het leven, of het nu door een overlijden is of door ziekte, daar probeer ik mensen te helpen om ook hun eigen bronnen weer aan te boren, zodat zij voelen dat er nog een leven voor hen in het verschiet ligt en niet alles voorbij is.'

Mensen willen goede dingen doen

Van der Helm is van mening dat mensen soms wat nieuwsgieriger zouden moeten zijn naar anderen: 'Ik denk dat de vraag te weinig wordt gesteld. Vaak weet men al wie de ander is en stopt men de ander in hokjes. Of men probeert een ander om een andere mening een kopje kleiner te maken. Dat is geen houding. Dat is ook hoe de politiek vaak bezig is. Mensen raken er helemaal moe van, raken het vertrouwen kwijt en veel politici snappen niet dat het spel wat ze aan het spelen zijn echt de samenleving niet verder helpt. Terwijl er zoveel mensen goede dingen willen doen, maar ze zouden eens een beetje samen moeten werken en proberen constructief te zijn in plaats van alleen maar negatief.'

Bescheiden overheid

'Tijdens de Prinsjesdagviering heb ik gesproken over een bescheiden overheid. Dit geldt voor ons allemaal. We kunnen het alleen maar als we samenwerken. In een samenleving hebben we elkaar allemaal nodig en moeten we elkaar de ruimte geven. Dit kost soms energie, kost ook weleens ruzie maar toch moeten we het samen doen.'

Opnieuw Rome met Paus Adrianus 22-24 april 2022

NL ambassadeur bij H.Stoel, mevrouw Weijers. Instigator van de activiteiten in Rome
NL ambassadeur bij H.Stoel, mevrouw Weijers. Instigator van de activiteiten in Rome
Prinses Astrid van België
Prinses Astrid van België
Overhandiging van twee oude Belgische postzegels van Adrianus VI aan mevrouw Caroline Weijers
Overhandiging van twee oude Belgische postzegels van Adrianus VI aan mevrouw Caroline Weijers

 

Op 22 april werd een tweede, nu uitgebreider congres over Adrianus VI in Rome gehouden. De plaats van handeling was nu de ambassade van het Koninkrijk België bij de H. Stoel, een prachtige locatie in het park van de Villa Borghese. Er waren wel 140 personen aanwezig om te luisteren naar bekende en minder bekende sprekers. Het congres werd gelardeerd met prachtige muziek uit de tijd van Paus Adrianus. De muziek werd uitgevoerd door de Capella Musicale di Santa Maria dell’Anima.

Het programma werd geflankeerd door andere activiteiten. Op de eerste plaats gingen we op bezoek bij de Apostolische bibliotheek waar een aantal boeken uit de tijd van Paus Adrianus tentoongesteld was. Er waren uitgaven van teksten die Adrianus als professor gebruikt had in Leuven en die tijdens en korte tijd na zijn pontificaat gedrukt werden. Hieruit blijkt zijn invloed op de studenten die later sleutelrollen vervulden in de kerk, zoals bij het concilie van Trente. Ook waren er pamfletten uit 1522 waar bijvoorbeeld de paus opgeroepen werd om toch vooral naar Rome te komen en niet in Spanje zijn residentie te kiezen. Dat lijkt nooit voor Adrianus een serieuze optie geweest te zijn, maar sommigen vreesden dit wel. Ook was er het proces verbaal te zien van het conclaaf dat Adrianus gekozen heeft. De Vlaamse geleerde Michel Verweij lichtte een en ander toe.

Tentoonstelling appostolische bibliotheek
Tentoonstelling apostolische bibliotheek
Proces verbaal van het conclaaf
Proces verbaal van het conclaaf
Het programmaboekje
Het programmaboekje

Hij was ook degene die het congres opende met een levensschets van Adrianus: in de loop van zijn carrière deed hij verschillende competenties op: naast theologie en pastoraat in Leuven, leerde hij in Spanje stadhouder, legeraanvoerder en diplomaat te zijn. Al deze competenties kwamen hem als paus zeer van pas. Wim François liet zien op welke manier Adrianus in zijn theologie onderwijs vernieuwing te weeg bracht in de opleiding voor priesters door kritisch te zijn op de cumulatie van beneficiën en dus van inkomsten. Daniela Müller lichtte de functie van Groot-inquisiteur toe, die Adrianus in Spanje wist te verwerven. De term inquisitie roept bij het algemene publiek beelden van vervolging en marteling op. Müller legde uit dat dit onjuiste beeldvorming is. De Groot-inquisiteur gaf bestuurlijk leiding aan een grote organisatie. Lokale inquisities waar inderdaad ook op wrede wijze bekentenissen werden verkregen, waren onderzoeksinstellingen die in Spanje afhankelijk waren van de kroon en niet van de paus. De Groot-inquisiteur moest toezien op een juiste en integere manier van bestuur. Müller riep in haar lezing uit dat een Groot-inquisiteur in het moderne openbare bestuur wel eens nuttig zou kunnen zijn! Paul van Geest beschreef de verschillende uitgangspunten tussen Adrianus en Erasmus: de eerste was geen humanist omdat hij in zijn opleiding die basis ontbeerde, terwijl Erasmus juist door die benadering gevormd was. Ondanks dat verschil lijken deze twee veel meer op elkaar dan men op het eerste gezicht denkt: Adrianus stond na aanvankelijke aarzeling veel meer open voor de vernieuwing van Erasmus en Erasmus van zijn kant had het klassieke systeem van de beneficiën nodig om zijn onafhankelijkheid veilig te stellen. Toen hij van die inkomsten verzekerd was, kon hij in rust zijn intellectuele arbeid verrichten die hij richtte tegen het systeem dat hem ook van zijn onafhankelijkheid verzekerd had.

Het grafmonument
Het grafmonument
Detail: intocht Paus Adrianus in Rome 28 augustus 1522
Detail: intocht Paus Adrianus in Rome 28 augustus 1522
Samen met Antoine Bodar in de sacristie van de Friezenkerk
samen met Antoine Bodar in de sacristie van de Friezenkerk

Bij de lezing waren ook bijna veertig studenten aanwezig van de stichting Thomas More: zij hadden in Rome een bezinnend programma waarin zij konden kennismaken met de levensbeschouwelijke achtergronden en religieuze bronnen. Voor hen een mooie manier om Rome te leren kennen en zich te verdiepen in de katholieke geschiedenis. Ik had de kans om met enkelen van hen te spreken. Ik zag hen ook na de eucharistie in de kerk der Friezen waar ik met Antoine Bodar voor ging in de eucharistie op zondag 24 april.

Zaterdag 23 april waren er rondleidingen in de nationale kerk van Duitsland en Oostenrijk, Santa Maria dell’ Anima, waar Paus Adrianus begraven ligt. Het is de kerk van de Duitse natie, maar er liggen veel Nederlanders en Vlamingen begraven. De Nederlandse kardinaal van Enckevoirt heeft er talrijke sporen achtergelaten. We konden er het grafmonument van Adrianus van dichtbij bekijken. Daarna brachten we een bezoek aan de minder bekende kerk van de Vlamingen: St Giuliano dei Fiamminghi. Zondag was er een pontificale hoogmis in de Animakerk, maar ik koos voor de kerk der Friezen met de jongeren van Thomas More en daarna een bezoek aan het Sint Pietersplein waar Paus Franciscus zijn wekelijkse gebed hield met toespraak vanuit zijn werkraam in het Apostolisch paleis.

Het was een inspirerend bezoek vol boeiende ontmoetingen met mensen uit Nederland en Vlaanderen. Mooi dat Adrianus na vijfhonderd jaar zoveel mensen weet samen te brengen.

Suriname

2022 02 ILoveSurinameOp 21 februari was de dag aangebroken, dat ik pastor Esteban Pross weer naar huis zou brengen. Na zeven maanden in Nederland voor een medische behandeling die in Paramaribo niet mogelijk was, liet de dokter hem met een gerust hart weer gaan. Met Matthijs, die met Esteban inmiddels ook een stevige vriendschapsband heeft opgebouwd, stapten wij in het vliegtuig. Voor Matthijs was dit zijn eerste bezoek aan dit grote tropische land aan de monding van machtige rivieren; voor mij een weerzien met een bevolking en een kerk die ik ben gaan waarderen en een land dat ik in mijn hart gesloten heb. Ook deze keer werd ik daar weer in bevestigd: Suriname is een land waar de bevolking goedgemutst is, terwijl er zoveel fout gaat: inflatie, armoede, verdeeldheid, werkloosheid, moeizame politieke vernieuwing, gebrek aan kennis en deskundigheid. Niettemin heeft het land een enorm potentieel: vruchtbare grond, delfstoffen, rijkdom van het oerbos, diversiteit van bevolkingsgroepen. Het kunnen succesfactoren zijn, maar het zijn evenzeer kwetsbare zaken. De mensen zien met spanning uit naar de opbrengsten van de recente olievondsten voor de gewone bevolking. Iemand vertelde ons dat zijn verwachtingen niet hoog gespannen zijn: "het zou voor het eerst zijn als we winst weten te maken voor de gewone Surinamer."

Toch blijft de Surinamer lachen, genieten van eten en is altijd gastvrij. Het weerzien met bekenden geeft me een thuisgevoel: jongeren van de WJD, zoals Duncan en Urly, parochianen van de kathedraal en medewerkers van het bisdom, zoals Paul, Marilyn en Soetarseh. De bisschop, Karel Choennie, nodigt ons bijna dagelijks aan zijn tafel en we spreken honderduit over kerk en samenleving. Matthijs hoort met verbazing over het functioneren van de Surinaamse ambtenaren: hoe kan dat goedgaan?2022 02 MetBisschopChoennieVoorDeBotanischeBisschopstuin
Met de bisschop, mgr Choennie voor de bisschopstuin, een botanische tuin

We verdiepen ons in de pijnlijke geschiedenis van de slavernij en het plantagesysteem dat slechts winstgevend kon zijn over de ruggen van talloze slaafgemaakten. Peerke Donders werd van de plantages gejaagd als hij probeerde in contact te komen met deze mensen om hun het evangelie te verkondigen. Hij wilde hun een - in onze termen - besef van eigenwaarde geven, de kernwaarde van het doopsel. Volgens de meeste slavenhouders hadden ze daar geen recht op. Volgens pater Donders en zijn religieuze broeders en zusters wel. Pater Donders geeft uiteindelijk zijn leven aan de melaatsen in Batavia, aan de Coppename. Hij ligt begraven in de kathedraal, die tot basiliek verheven is.2022 02 PetrusEnPaulusCathedraal
De Petrus en Paulus kathedraal

Tijdens mijn bezoek geef ik een inleiding over synodaliteit aan de priesters en diakens van het bisdom - een bont gezelschap - waarna men onder leiding van het team voor de synode met elkaar in gesprek gaat over de eigen initiatieven en over de eigen ideeën over de toekomst mogelijkheden van de kerk: een SWOT analyse komt op tafel. Ik word uitgenodigd om op radio Immanuel, het radiostation van het bisdom, te spreken over de synode, de verschillen tussen Nederland en Suriname.

Natuurlijk trekken we er ook opuit: Peperpot is een voormalige plantage die nu een wellness resort is geworden: kanoën, fietsen, zwemmen en eten in een ontspannen sfeer. De apen in de bomen groeten ons en de vogels begeleiden ons. De kaaimannen laten zich gelukkig niet zien. We zien wel koffiebonen en cacaobonen als herinneringen aan een rijke plantagegeschiedenis. Een andere keer verblijven we in Republiek - de naam herinnert aan glorieuze tijden van het voormalige Moederland. Daar zijn veel vakantiehuisjes en ook daar kunnen we varen en wandelen, en tijdens het avondconcert van de talloze kikkers van ons avondeten genieten.2022 02 EstebanInZijnKantoor
Esteban in zijn kantoor op het bisdom

In Groningen, op anderhalf uur rijden van Paramaribo, is er een nieuwe kerk gebouwd. Deze is gewijd aan Judas Thaddeus, maar omdat er uit de Haagse Sportlaankerk ramen van Thérèse van Lisieux aangebracht zijn, heeft de kerk een tweede patroon gekregen. Deze Franse zuster is immers patroon van de missie. De ramen zijn prachtig geplaatst en geven kleur naast de andere ramen die zicht bieden op de rivier en het oerbos daarachter.

Hoogtepunt van de reis is de hoogmis van zondag. De geloofsgemeenschap van de kathedraal omarmt de teruggekeerde plebaan Esteban met liefde en warmte . Men heeft hem enorm gemist. Dat is voelbaar. Men weet zich door hem gedragen, gevoed en getroost. In deze viering van de eucharistie besef ik de eenheid van de kerk en de nabijheid van Gods liefde. Met de volgende afspraak in mijn agenda voor 2023, gaan we weer naar huis, opgewarmd door de tropische zon en gevoed door het caraïbisch menu, maar bovenal geïnspireerd door de ontmoetingen.

Adrianus 500

In 1522, precies 500 jaar geleden, werd de eerste en enige paus van Nederlandse afkomst gekozen: Adrianus VI. Zijn wapenspreuk was: Patere et Sustine, (wees geduldig en houd stand).

Het pontificaat (pausschap) van Adrianus VI was van korte duur. Hij had een uitdagende en omvangrijke hervormingsagenda om de kerk te versoberen. En in de turbulente opkomst van de Reformatie bleef hij in verbinding met Luther en Erasmus. Daar zat niet iedereen in Rome op te wachten en hij riep als paus weerstand op. Er lijken overeenkomsten te zijn met het pausschap van vandaag de dag van paus Franciscus.

Wie was Adrianus van Utrecht, welke rol speelde hij in de geschiedenis, wat is zijn betekenis vandaag? De Projectgroep Adrianusjaar wil stil staan bij deze vragen in het Adrianusjaar 2022 – 2023 met lezingen, excursies en publicaties en wil ook aanhaken bij initiatieven als een expositie in het Catharijneconvent en een symposium in Rome.

Als aftrap is op 28 november 2021, de eerste zondag van het nieuwe kerkelijk jaar en de eerste zondag van de Advent, onze website www.pausadrianus500.nl gelanceerd.

Met dit bericht attenderen we je hierop, nodigen je uit deze site te bezoeken, je in te schrijven voor de nieuwsbrief en dit bericht door te sturen naar mogelijke belangstellenden. En uiteraard is iedereen van harte welkom bij de diverse programmaonderdelen die in de komende periode worden gepresenteerd.

Projectgroep Adrianusjaar
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Toespraak Piusalmanak Paleiskerk Den Haag, 24 november 2021

26-11-2021-lezing-pius-almanak_1.jpg
Fotografie: Rudolf Scheltinga
26-11-2021-lezing-pius-almanak_2.jpg
                

Dank aan het bestuur van Piusalmanak om mij voor deze inleiding uit te nodigen. Dank, Irene, voor je plezierige verwelkoming. Dank u wel hoogedelachtbare, voor de warme woorden waarmee u de samenwerking van de gemeente met de religieuze en levensbeschouwelijke organisaties beschrijft. Fijn dat u zo onder de indruk was van mijn biceps. Dat heb ik niet vaak van mensen gehoord. Ik wil twee woorden naast uw inleiding zetten die vanuit ons perspectief een bijdrage kunnen leveren aan die samenwerking die u voorstaat:

De ziel en de mens.
De crisis waar we getuigen van zijn, zou wel eens fundamenteler en langduriger kunnen blijken dan een stevige pandemie. Kim Putters van het SCP heeft gesproken van een veenbrand. Af en toe zien we orgiën van geweld, zoals de burgemeester van Rotterdam Aboutaleb afgelopen weekeinde het geweld benoemde. Smeulende kwesties komen tot heftige uitbarstingen. Er zijn fundamentele problemen, die het brede en diepe ongenoegen van mensen veroorzaken. Het gebrek aan cohesie en verbinding is niet zomaar op te lossen door met elkaar aan tafel te gaan. Waar gaat het gesprek dan immers over, wat doen we tijdens die ontmoetingen?

Aan het einde van Misdaad en straf beschrijft Dostojevski hoe de hoofdpersoon Raskolnikov een visioen krijgt. Daarin is de wereld ten prooi gevallen aan een virus dat de mens in bezit neemt, mensen worden demonisch en krankzinnig. Zij menen zelf de waarheid in pacht te hebben en ze komen tegenover elkaar te staan. Mensen beschuldigen en doden elkaar. Ze trekken tegen elkaar op en als legermachten gaan ze elkaar te lijf. De alarmklokken luiden en iedereen verkeert in grote onrust (vertaling van Lourens Reedijk, Athenaeum-Polak, 2009, p. 633-634). Dit lijkt op de beelden van de afgelopen periode en zeker van het afgelopen weekeinde. Het gebrek aan verbinding en cohesie heeft een ontwrichtende invloed op de samenleving. Hebben we een antwoord op deze onrust? Zal de samenwerking die de burgemeester voorstaat, een helende invloed hebben? Ik denk dat er meer nodig is.

De ziel
De eerste vraag die ik stel: hoe wordt de ziel van de mens gevoed? De ziel is het innerlijk van de mens waar hij/zij de diepste kern van zichzelf vindt, zijn roeping of opdracht in het leven, de relaties waarmee hij/zij in de wereld staat en zich verbindt met anderen. De ziel is de verzamelplek van gedachten, gevoelens en verlangens. In de ziel ligt de persoonlijkheid van de mens verankerd met zijn karakter en eigenschappen, zijn talenten. Die ziel wordt gevoed door de relaties waarin de mens leeft: de relatie met andere mensen, de relatie met de schepping, de relatie met de samenleving, de relatie met de Eeuwige. Daar ligt de voedingsbodem van de ziel. Wat krijgt de mens op dat niveau aangereikt om die ziel te verrijken?

Religies en levensbeschouwingen zijn rijk en krachtig in die voeding. Zij koesteren tradities van gedachten en ideeën over de mens en zijn/haar relaties. Zij bouwen aan gemeenschappen die dergelijke tradities en inhouden met elkaar delen. Zij hebben daar verschillende woorden en verhalen voor. Die woorden en verhalen voeden de mens. Het is ook een gedeelde traditie: mensen delen de verhalen met elkaar. Zij praten erover, zij vieren die verhalen, zij hebben rituelen om die verhalen in symbolen uit te drukken. In het ritueel van het breken en delen van het Brood herkennen christenen de aanwezigheid van Christus die hen verbindt met de eeuwige Vader. Verbinding is dan geen prestatie, maar een geschenk. Religies reiken dergelijke gedachten aan als inspiratiebron.

Kerken zijn vanuit het verleden bekend als normgever. Die functie is weggevallen. Daar kunnen we blij mee zijn als moderne, autonome en vrije menen, maar als er geen instantie in de plaats komt die met authentiek gezag waarden als fundament voor normen en gedrag aanreikt, zijn we aan de goden overgeleverd, zeg ik maar. Ik snap dat niet alle kerkelijke en religieuze waarden gedeeld worden, maar een meer open en welwillende houding naar de waarden van religieuze en levensbeschouwelijke opvattingen en een gezamenlijke zoektocht naar de fundamenten van onze samenleving, kunnen de verbinding in diezelfde samenleving versterken. Als we de waarde van het leven serieus nemen, wat zijn dan de ethische consequenties? Als we verantwoordelijkheid nemen voor elkaar, geeft dat onze menselijke relaties meer betekenis. Het is natuurlijk ook de opdracht van religies en levensbeschouwingen om hun waarden te vertalen naar de samenleving toe. Zij moeten niet vanuit hun bolwerken pijlen van wijsheid op de mensen afvuren, maar ook daadwerkelijk met hen in gesprek gaan. Een inhoudelijke uitwisseling over waarden en ideeën van religies en levensbeschouwingen kunnen het denken en het broederlijk/zusterlijk omgaan met elkaar in de samenleving verrijken.

De mens
De tweede vraag: staat de mens nog wel centraal? De overheid heeft grote verantwoordelijkheden en de verwachtingen van de mensen zijn navenant groot. Ik heb bij de Prinsjesdagviering 2021 gepleit voor een meer bescheiden overheid die meer vertrouwen heeft in de veerkracht van de maatschappelijke organisaties en de mensen die deze dragen. Er is in de coronatijd ook veel goeds gebeurd tussen mensen. Ondanks de rellen van de afgelopen week moeten we dat niet vergeten.

De overheid loopt tegen grenzen aan. Allerlei overheidsinstanties, de belastingdienst, het UWV, de IND, WMO-ambtenaren, hebben taken en verantwoordelijkheden. Om die goed uit te voeren zijn protocollen, afspraken, strategieën en doelstellingen nodig. Bovendien moet gecontroleerd worden of er volgens die richtlijnen wordt gewerkt. Professionaliteit vraagt een eenduidige, krachtdadige en gecontroleerde aanpak. Problemen moeten worden aangepakt en daarbij zijn afspraken en regelgeving leidend. Natuurlijk moet de overheid werken volgens protocollen en modellen. Dat we de grenzen daarvan hebben gezien, hoef ik u niet uit te leggen. Ik wil geen verwijt maken, maar het is een systemisch probleem. Een aantal jaar geleden kreeg ik een rondleiding in de Raad van State. We liepen door de gangen en konden werkkamers bekijken en zittingszalen bezoeken. In de gang stonden de karretjes met stapels dossiers. De rondleider zei: ”We moeten ervoor waken dat we niet een samenleving van dossiers worden, maar steeds de mensen voor ogen houden, voor wie we werken.”

Ik denk dat religies en levensbeschouwingen een ander uitgangpunt hebben. Ook een strak gereguleerde kerk als de Rooms katholieke – en als kerkjurist weet ik daar wel wat van – heeft voortdurend waarden in het vizier die het welzijn van de gelovige vooraan plaatsen. In katholieke woorden: “het zielenheil is de hoogste wet.” Het herinnert aan het inzicht dat een wettelijk en bestuurlijk systeem moet erkennen dat het tekort kan schieten in concrete individuele gevallen. De wet kan onrechtvaardig uitpakken zeiden de Romeinse juristen en de Griekse denkers al. Juist als de mens centraal staat, betekent dit dat de regelgeving en de uitvoering daarvan dienstbaar zijn aan de mens. Het belang dat de mens geholpen en ondersteund wordt, moet groter zijn dan de angst voor misbruik.

Ook hierin zijn kerk, religies en levensbeschouwingen aanvullingen op de publieke sector. Samenwerking en ontmoeting behoeven inhoud: wie is de mens, hoe gaan we met elkaar om, hoe ziet onze leefomgeving eruit. Om het tot slot maar samen te vatten in de drie T’s van Paus Franciscus: Tierra, Techo, Trabajo: aarde, huis en werk. Dat zijn de fundamentele kaders voor het menselijk bestaan: hoe is onze leefomgeving, het klimaat, de schoonheid van de straten, de inrichting van de wijken, hoe groen? En vervolgens: hoe zijn de huizen en hoe wonen de mensen? En is er voldoende goed werk, zijn er professionele perspectieven voor jongeren, voor vrijwilligers, is er werk voor ouderen? Wordt er niemand door ziekte of handicaps uitgesloten? Dat soort vragen zijn dan aan de orde.

Hoogedelachtbare, beste Irene, dames en heren hier en thuis,
Bij het opbouwen van een samenleving is het vertrouwen in elkaar onmisbaar. We zien hoe dit steeds geringer wordt. Het dieptepunt vorige week in de Tweede Kamer zou moeten leiden tot een gewetensonderzoek van beleidsmakers, van de wetgever. Dat kan niet door protocollen en wetgeving hersteld worden. Dat kan slechts door menselijke relaties. De katholieke boodschap zoals die recent door paus Franciscus is verwoord, kan hier helpen: dat wij allen broeders zijn, ook onze tegenstanders, ook mensen van een andere politieke opvatting of een andere religie en levensbeschouwing. Zonder die beleefde broederschap kan de samenleving niet.

Kunnen we die broeder/zusterschap herstellen?
In Misdaad en Straf wordt het visioen van Raskolnikov verdreven door zijn liefde voor Sonja. Hij heeft daar veel aan getwijfeld, maar in zijn ballingschap vindt hij daarin troost. Herstel van relaties is de weg naar genezing. Daar staan we samen voor, als gemeente en als kerk, als samenleving en levensbeschouwing. We willen graag onze inhoudelijke bijdrage leveren. Daarom is dit een mooie ontmoeting, die wat mij betreft smaakt naar meer.

Ad van der Helm, voorzitter Haagse Gemeenschap van Kerken, voorzitter Stichting Prinsjesdagviering.
Den Haag, 24 november 2021

Gastles Week van Respect

gastles week van respect 2 2.jpgMaandag 8 november heb ik een gastles gegeven op het Spinoza20first college in Amsterdam. Aan een gemengde groep van ruim dertig leerlingen heb ik gesproken over de Prinsjesdagviering. De leerlingen waren geïnteresseerd om te horen hoe religies een gezamenlijke boodschap kunnen brengen. Ik liet beelden zien van Paus Franciscus in Assisi en van de Minister-President die een kaarsje aansteekt. We spraken over de tien religies en levensbeschouwingen die aan de Prinsjesdagviering deelnemen. Op de vraag of iemand wel eens een kaarsje aansteekt, gingen bijna alle vingers omhoog. Dat je ook voor jezelf een kaarsje kunt opsteken, was voor hen nieuw, een openbaring. Mooi, dat ze dit wel al voor anderen deden.

De week van respect werd die ochtend in Den Haag geopend door Rabbijn Soetendorp die in zijn persoonlijk verhaal vertelde hoe keuzes van mensen anderen het leven kunnen redden. Respect vraagt keuzes en moed om tegen de stroom in je mening te laten horen. Zie ook https://weekvanrespect.nl/

Eerste paal crematorium St Barbara

2021-11-09-eerste-paal-StBabara-1.jpgDinsdag 9 november werd de eerste paal geslagen voor het Crematorium op de katholieke begraafplaats Sint Barbara in de Binckhorst. Aan dit bouwproject gingen jaren van dromen, praten en denken vooraf. Met het bestuur en de architect heb ik veel gesproken over de doelstelling en de vormgeving van dit katholieke crematorium. Gastvrijheid voor eenieder die met overlijden wordt geconfronteerd, katholiek of niet, kan troostend zijn en mensen bekend maken met de katholieke spiritualiteit rond leven en dood. In de Binckhorst, in de toekomst een woon- en werkwijk, kan de kapel een plek van bezinning en stilte zijn. Nu al worden er veel kaarsjes opgestoken, maar bij het crematorium komt ook een bezinningsruimte, vlak bij de ingang. De vier elementen waar de schepping uit is opgebouwd, aarde, water, vuur en lucht, worden zichtbaar gemaakt: een eerbetoon aan het Zonnelied van Sint Franciscus.

Een grote groep mensen was getuige van het gebed bij de eerste paal, de zegening met wijwater. Daarna ging deze paal van acht meter de grond in. Er wordt niet meer geslagen, maar geboord. Dat veroorzaakt minder lawaai, maar is even effectief. De bouwperiode zal vele maanden in beslag nemen. We kijken verlangend uit naar het resultaat.

2021-11-09-eerste-paal-StBabara-3.jpg

Twee nieuwe publicaties

Mijn Leuvense activiteiten leverden recentelijk twee kleine publicaties op: een over het nieuwe strafrecht dat de Paus heeft afgekondigd. Ik heb er een stuk over geschreven voor het Mariënburg Magazine. Bovendien heb ik op het Blog Tocqueville, Religie en Democratie geschreven over vrijheid van godsdienst en de coronacrisis.

Godsdienstvrijheid overleeft coronadrukt naar een andere website)

Ook kerken kregen tijdens de coronacrisis te maken met beperkingen in het houden van samenkomsten. Die beperkingen werden wel op een andere manier in het vat gegoten dan voor andere organisaties het geval was. Was de gekozen aanpak gerechtvaardigd? En wat kunnen wij terugkijkend zeggen over hoe deze aanpak heeft uitgepakt?

De ongekende maatregelen rond de coronapandemie hebben onze vrijheid begrensd. Wij moesten het doen met beperkingen in de bewegingsvrijheid, gesloten horeca, musea en theaters, een verbod op het houden van evenementen, de instelling van een avondklok voor het eerst in vredestijd, geen grote demonstraties. De regering nam beslissingen via uitzonderlijke bevoegdheden die het parlement goedkeurde, terwijl de wettelijke basis soms zo zwak was als één nacht ijs, zeker in het begin van de crisis. Ook religieuze organisaties namen hun maateregelen: geen publieke vieringen in kerken, synagogen moskeeën en tempels. Samenkomen in geloofsgemeenschappen werd tot een minimum beperkt.

Zelfregulering door kerken

De uitzonderlijke positie van kerken en andere religieuze organisaties heeft geleid tot een geanimeerd debat over de vrijheid van godsdienst. De minister van Eredienst greep niet direct in, maar trad in overleg met de vertegenwoordigers van de religieuze organisaties (CIO, CMO en andere koepelorganisaties) die hun eigen maatregelen namen en protocollen uitvaardigden. Deze vorm van zelfregulering leidde tot een drastische en ongekende inperking van het kerkelijke en religieuze leven.

Dat de religieuze achterban zich niet over de hele linie daarin kon vinden bleek bijvoorbeeld uit de corona-uitbraak rond enkele Haagse moskeeën in Den Haag in mei 2020 toen mensen ,ondanks de afgesproken beperkingen, elkaar toch opzochten. Ook zochten enkele christelijk gereformeerde en hersteld hervormd gemeenten de grenzen op door meer mensen in kerkdiensten toe te laten. Volgens eigen zeggen voldeden zij aan de basisregels en brachten zij geen mensen in gevaar. Het had een fel en bijwijlen agressief maatschappelijk debat tot gevolg, op straat, in de media en in de politiek.

Privilege of recht?

Hoe kan in Nederland worden aangekeken tegen godsdienstvrijheid? Is dit een privilege waar religieuze instellingen gebruik en eventueel misbruik van maken? Of is het een grondrecht dat de regering dient te beschermen? In de Tweede Kamer pleitte SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij op meesterlijke wijze voor een erkenning van het bijzondere karakter van godsdienstvrijheid (plenair debat 7 oktober 2020). In een interruptiedebat met Chris van Dam (CDA) legde hij uit waarom het uiting geven aan een geloofsovertuiging voor gelovigen meer is dan een hobby.

‘Stel je eens voor dat het waar is dat we een ziel hebben voor een eeuwigheid en dat het niet alleen gaat om het doorkomen van deze tijd, maar dat we daar ook een leven na willen ... Als dat allemaal echt waar zou zijn — ik geloof dat dat zo is — dan besef je in een keer hoe belangrijk dat is.’

In onze seculiere samenleving kunnen weinigen zich nog in een dergelijk standpunt inleven. Zoals Kardinaal Jozef de Kesel in zijn recente publicatie Geloof en godsdienst in een seculiere samenleving (2021) verwoordt: christenen en andere gelovigen kunnen in een seculiere samenleving niet meer uitgaan van de automatische geldingkracht van hun argumenten voor het bijzondere karakter van de godsdienstvrijheid.

candlelight-g788686d2f_1280

Argumenten

Welke argumenten kunnen aangevoerd worden om duidelijk te maken dat de vrijheid van godsdienst geen privilege is, maar een fundamenteel recht? Waarom kan die vrijheid ook niet samenvallen met de vrijheid van meningsuiting? Het huldigen van een religieuze opvatting is voor gelovigen niet helemaal vergelijkbaar met het hebben van bepaalde seculiere opvattingen. Twee argumenten zijn hier doorslaggevend:

Het eerste is: een godsdienstige en religieuze overtuiging raakt de mens in zijn/haar diepste innerlijk. De overtuiging dat er een ‘God’ bestaat – die met verschillende woorden en beelden wordt aangeduid – is niet eenvoudigweg een persoonlijke mening. De werkelijkheid van God dringt zich op aan de gelovige vanuit zijn/haar ervaring van het leven zelf. Geloof is geen hypothese of een opvatting maar een beleefde relatie met een werkelijkheid die de zichtbare werkelijkheid overstijgt. Deze benadering zal door mensen zonder religieuze niet zonder meer herkend kunnen worden. Echter in een liberale, tolerante samenleving past de erkenning dat een ander paradigma dan het seculiere bestaat en dat dit bescherming verdient.

Het tweede argument sluit hierbij aan: een godsdienstige en religieuze overtuiging verbindt een gemeenschap van gelovige mensen. Deze gemeenschap komt bij elkaar om dit geloof te vieren en samen te beleven, om de gedachten rond dit geloof te verdiepen en elkaar te verrijken. Het samenkomen in kerken, tempels, synagogen en moskeeën vormt het hart van de gelovige overtuiging omdat een ieder daar het diepst de overtuiging kan beleven. Al zijn deze samenkomsten primair bedoeld voor de geloofsgenoten, zij zijn geen besloten bijeenkomsten; ook anderen mogen daar gastvrij onthaald worden.

Rechtsstatelijke bescherming

Godsdienstvrijheid betekent dat dit samenkomen niet zonder een gegronde wettelijke basis door overheidsingrijpen kan worden belemmerd. Daarnaast zijn er maatschappelijke initiatieven vanuit een religieuze inspiratie. Ook al zijn deze in hun activiteiten vergelijkbaar met niet-religieuze organisaties, de religieuze inspiratie leidt tot bestuurlijke en inhoudelijke keuzes die intrinsiek samenhangen met die overtuiging. Ook hier dient de overheid terughoudend te zijn om daar in te grijpen.

Godsdienstvrijheid is niet het privilege van nog bestaande zuilen. De verzuilde samenleving is reeds decennialang verdwenen. De eigen aard van de religieuze overtuigingen en het belang van religieuze samenkomsten en initiatieven voor die overtuiging vraagt rechtsstatelijke bescherming. De veerkracht van de religieuze overtuigingen, hun trouw aan het maatschappelijk engagement en de aandacht die zij aan zingeving besteden leveren een bijdrage aan de sociale cohesie die wij zo hard nodig hebben, zeker in het post corona tijdperk.
Kerken en andere levensbeschouwelijke organisaties hebben laten zien dat zij ook in coronatijd verantwoord met dit recht zijn omgegaan. Goed voorbeeld doet goed volgen.

Installatie als pastoor van Zoetermeer

Op zondag 12 september ben ik geïnstalleerd als pastoor van de H. Nicolaas parochie in Zoetermeer. In een hartelijke viering werd ik ontvangen door de parochianen. Onder hen waren vele bekende gezichten. Het voelde meteen erg vertrouwd. Met het pastoraal team zongen we "Als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur dat nooit meer dooft." (Taizé). Na afloop was er een ontmoeting in het parochiecentrum, De Kapelaan. Een mooie start.

Downloaden Naam Afspelen Grootte Duur
download Startdag
4.3 MB 3:43 min

De volledige viering kunt u terugzien via onderstaande link op YouTube. Het bovengenoemde gezang is daar met beeld te beluisteren vanaf 43:45 tot 47:30.

https://www.youtube.com/watch?v=EUkd6PlNDWI&feature=share&fbclid=IwAR2JSBnlX3tCnyl0tpwBm8RaR_BfYJ-RqK3XuSGPYh-CmAEBy0U92or8404