LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Danklof Oudjaar 2020

Gebed
Heer, Jezus Christus, we verzamelen ons hier op deze avond rondom U, hier in ons midden aanwezig. In de mist van het afgelopen jaar bent u onze oriëntatie gebleven. We hebben u moeten zoeken, omdat de gewone wegen van kerk en sacramenten belemmerd werden. U hebt ons de weg gewezen van gebed en meditatie. De Bijbel is voor ons op een nieuwe manier bron van geloof geworden door de verhalen waar in de duisternis uw trouw en helende kracht zichtbaar werden. Wij danken U dat U steeds met ons onderweg blijft en dat U met ons blijft in alle tijden en dagen. Zo bidden we U die leeft in de eeuwen der eeuwen.

Overweging
Het ene woord dat voortdurend op de lippen van de mensen ligt bij het terugblikken dit jaar, wil ik niet in de mond nemen in deze viering. In zijn zegen Urbi et orbi van 27 maart dit jaar haalt Paus Franciscus de roep van de apostelen aan in Marcus' versie van de storm op het meer: Heer, kan het u niet schelen dat we vergaan? Het is de roep van de mens die zich vergeten voelt, niet gezien, niet verzorgd, in de steek gelaten. Die stem klinkt altijd. Meestal alleen in de marge van de samenleving, nu klonk die ook uit de huizen van de machtigen en de rijken. Het leven van allen is dit jaar verstoord.

Deze roep, hoe begrijpelijk ook, is een roep die slechts een fase is in een lange weg van geloof. Want voor de leerlingen is de stem van de Heer voldoende. Hij geeft een antwoord en die stem wordt belangrijker dan de storm en de angst, die daar het gevolg van is. Op onze weg van geloof kan het gebeuren dat de stem ver weg lijkt of misschien zelfs stil gevallen. Maar niets is minder waar: het zijn de omstandigheden of ons eigen gebrek aan vertrouwen waardoor we de stem niet meer horen. In de storm wordt de kwetsbaarheid duidelijk van de mensheid, die in het kleine schip door de wateren van de geschiedenis vaart. We denken alles zelf te kunnen organiseren en zelf de richting te bepalen, maar we beseffen dat we niet zonder de stem van Christus kunnen.

De crisis van het afgelopen jaar moet ons geen slachtoffers maken, maar kan ons helpen ons te heroriënteren, zoals bij iedere crisis in een huwelijk of een relatie, of bij ziekte of onzekerheid. Wij heroriënteren ons op Christus die met ons meegaat, om zijn stem weer horen te midden van het tumult en het angstgeschreeuw. Ons boekje Koers houden in de mist, ingegeven door de gebedsgroep Jacobus, is zo’n hulpmiddel om elkaar te bemoedigen en de vlucht vooruit te nemen en ons vast te grijpen aan de stem van Christus die klinkt in de Bijbel, in de gebeden en voelbaar is in het kleine kaarsje dat we op een duistere avond ontsteken. Die stem kunnen we ook aan elkaar doorgeven.

In een bepaalde zin is ons leven het afgelopen jaar zeer beperkt geweest, maar zijn er ook nieuwe kansen gekomen. Hebben we die allemaal benut? Het had misschien meer kunnen zijn. Maar de momenten van gesprekken met kerken en andere religies waren zinvol, ook de ontvangsten hier in de kerk van bij voorbeeld de Minister President, de Prinsjesdagviering, maar ook de tomeloze inzet van de vrijwilligers en de inventiviteit van de Beheercommissie en de Pastoraatgroep. Er zijn vele momenten van bemoediging geweest, momenten en ervaringen van rust in een turbulente wereld.

Nu op de drempel van het nieuwe jaar wensen we ons zelf toe dat we de ervaringen van ons geloof kunnen bewaren en dat we kunnen zeggend dat we gegroeid zijn als gemeenschap, als gelovigen. Er is nog veel te doen en we gaan de weg gezamenlijk, in trouw aan elkaar en in vertrouwen op Jezus, hier in ons midden, ons voedsel ten leven, ons kompas van de eeuwigheid. Amen

Verkondiging 27 december 2020, Feest van de Heilige Familie

Lezingen
Genesis 15, 1-6; 21, 1-3
Psalm 105
Hebreeën 11, 8.11-12.17-19
Lucas 2, 22-40

Welkom
Welkom op deze derde dag in het kerstoctaaf, de derde kerstdag. Deze zondag is gewijd aan de heilige familie om ons eraan te herinneren dat het Kind geboren is in een gezin. Dat betekent voorgeschiedenis, een breder verband. Ook wij maken deel uit van een groter verhaal, een familie met verhalen, met eigenschappen; een familie kan invloed hebben op onze richting. Soms moet een mens zich eraan ontworstelen, soms helpt het juist enorm om in een bepaalde familie te zijn geboren. Deze familie plaatst het Kind in de traditie van Abraham, de eerste gelovige. Ook wij staan in die traditie als kinderen van Abraham.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Het Kind groeit op in Nazareth. Het woord Nasar, dat met deze naam te maken heeft, betekent in het Hebreeuws ‘bewaren’. Maria bewaarde de woorden van Simeon en Hanna in haar hart; de stad Nazareth bewaarde het Woord Gods in het Kind van Maria. De stad Nazareth is de bewaarplaats waar het Kind kan opgroeien in veiligheid, in het licht van geloof en vrede.

De familie waar vandaag over gesproken wordt, is meer dan het Kind en zijn twee ouders die voor hem zorgen. Het wordt naar twee kanten uitgebreid. Het feest van de Heilige Familie kan dus niet simpelweg gezien wordt als het patroonsfeest van het gezin als hoeksteen van de samenleving. Het gezin, de familie wordt in de tweede lezing geplaatst in de profetische traditie van de twee wachters bij de poorten van de tempel. Simeon en Hanna, die behoeders en bewaarders van de belofte zijn, herkennen in dit Kind dat naar de tempel gebracht wordt de gestalte van de Messias. Het Kind is de gezalfde van God, de vervulling van de belofte. De belofte is geen gedachte, geen woord, maar een vervulling, zichtbaar, een gestalte, een gezicht. De twee oude mensen zien dat hun geloof gestalte krijgt in een concrete levende mens. Het gezin krijgt dus een uitbreiding naar de toekomst die zichtbaar wordt in Jezus.

Het herinnert ons aan de opdracht om van ons geloof ook een concreet leven te maken, om dit geloof zelf gestalte te geven. Het komt niet alleen aan op geloven en vrome gedachten en bespiegelingen, maar ook op handelen. Geloof is zien, oordelen én handelen, volgens de klassieke trits van het katholiek sociaal denken. Christus is voor ons het levende voorbeeld van dat handelen. Dat is dus een uitbreiding naar de toekomst toe: wat betekenen de verwachtingen voor dit Kind voor ons, op de drempel van een nieuw jaar? Wat zijn de gelovige verwachtingen van ons leven voor de toekomst? Hoe zullen we onze roeping gestalte geven en welke beslissingen nemen we komend jaar?

Aan de andere kant is er de uitbreiding van de Heilige Familie in de richting van Abraham en Sara. Het is de richting van een geschiedenis, een herkomst. De geschiedenis van die twee eerstelingen van het geloof is niet het oprakelen van een oud stoffig verhaal, maar gaat over verjonging. De oude Abraham en Sara hervinden de jeugd van hun leven als zij het eindelijk durven doen: leven vanuit vertrouwen en geloof in de ene God. Dan worden zij vruchtbaar als jonge mensen en brengen nieuw leven voort. Dan wordt Isaak geboren.

Geloven maakt jong. Geloven is niet voor oude mensen, geloof is voor mensen die de jeugd van hun hart ervaren. Ik heb het niet over de natuurwetten die ons steeds ouder maken en misschien ook lichamelijke gebreken geven. Dat gaat natuurlijk gewoon door. Maar geloof gaat over de jeugd en dus de vruchtbaarheid van ons leven. De kern van het leven is niet het aantal jaren, maar de vruchtbaarheid, zoals Hanna en Simeon ook toekomst zagen ondanks hun ouderdom en Abraham en Sara een kind kregen in hun ouderdom, omdat ze geloof hechtten aan de belofte van de ene God.

Johannes Paulus II sprak steeds over de kerk die jong is omdat ze een toekomst heeft. Het is geen oud instituut van het verleden, maar het gaat om de toekomst. Die gaan we met vertrouwen tegemoet. Onze familia Dei, de kerk, gaat de toekomst in en wij gaan die toekomst met elkaar in en we geven gestalte aan ons geloof door in de samenleving actief te zijn en handelend op te treden. We zijn bewaarders van de traditie en dat maakt ons vruchtbaar. Ons leven staat niet op zichzelf, maar begint in Nazareth, die veilige bewaarplaats van het geloof. Laten wij ook diezelfde bewaarders zijn als Simeon en Hanna, als Abraham en Sara. Dan zal ons leven vruchtbaar zijn en nieuw leven voortbrengen voor de wereld. Amen

Verkondiging 24/25 december 2020, Hoogfeest van Kerstmis

Lezingen Kerstnacht
Jesaja 9, 1-3.5-6
Psalm 96
Titus 2, 11-14
Lucas 2, 1-14

Lezingen Kerstdag
Jesaja 52, 7-10
Psalm 98
Hebreeën 1, 1-6
Johannes 1, 1-18

Welkom
In de stilte van deze Kerstmis verlangen we naar een feestelijk moment met elkaar. In de afzondering van een kleine kring bewaren we een open en ruim hart voor de wereld waarin we leven. Meer dan andere jaren vraagt de samenleving om wat men noemt ‘het kerstgevoel’. Het is een verlangen om een bijdrage te leveren aan een wereld zonder duisternis, zonder eenzaamheid en ziekte. Ondanks de zogenaamde secularisering blijft dit een fundament in onze samenleving dat christelijk geïnspireerd is. Bij alle franje en buitenkant, is het verlangen naar de echte Kerst nog steeds levend. Voor ons hier krijgt het delen van de kerstgedachte gestalte in God die ons bestaan deelt en bij ons zijn intrek neemt. In het Christuskind wordt Gods nabijheid geboren. Op die manier baant Hij de weg voor ons om uiteindelijk ooit in zijn Licht gastvrijheid te ondervinden. Het feest is ook een uitnodiging om zelf gastvrijheid te betonen.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Wakker worden in een andere wereld. Een kind dat voor het eerst zijn ogen opent en zijn moeder en vader in de ogen ziet en langzamerhand een wereld om zich heen gaat ontdekken, kijkt gebiologeerd met grote open ogen naar die nieuwe wereld. Die eerste en vroege beelden hebben grote invloed op het kind. Ontwikkelingspsychologen maken ons duidelijk hoe wezenlijk die eerste periode voor een kind is: vertrouwen, vrede en harmonie. De basis daarvan wordt dan al gelegd.

Hoe zal dit Kind van Bethlehem zijn wereld en omgeving in zich hebben opgenomen? We weten dat dit Kind deze wereld waarin Hij is gekomen, zelf ook gemaakt heeft: Hij is Gods scheppende Woord dat mens geworden is. Maar dat is een theologische gedachte en we weten niet hoe bewust dit Kind zich daarvan was. De incarnatie vertelt ons dat het Kind volkomen mens was. Hij is tegelijk God, maar dit heeft zijn mens-zijn en zijn kind-zijn niet weggenomen. Het Kind zal ongetwijfeld verwonderd hebben gekeken naar die mensen om Hem heen. Zij hebben waarschijnlijk op hun beurt net zo verbaasd en verwonderd naar Hem gekeken. Een onmogelijke geboorte, op een onmogelijke plek, met een onmogelijke verzameling van bezoekers rond de kribbe in de stad van David, Bethlehem.

De afbeeldingen van Kerstmis laten een enorme tegenstelling zien tussen enerzijds de liefde van Maria en Jozef voor hun Kind en de aandacht van herders en wijzen die wat later op de stoep staan en anderzijds de desolate toestand van het huis of de stal waar zij verblijven. Of we zien naast het lieflijk geboorte-tafereel een verlaten landschap of een geruïneerd huis. Wie die tegenstelling op zich laat inwerken en het drama van de kerstnachtvertelling tot zich laat doordringen, ziet ineens de moderne aspecten van dit verhaal. Ook in onze tijd van grote welvaart en idyllische beelden, zijn er desolate plekken waar kinderen worden geboren in grote ellende, of waar kinderen die opgroeien worden uitgeleverd aan uitbuiting of misbruik.

In deze tegenstelling schuilt de Kerstboodschap: ondanks de desolate taferelen en treurige setting van deze geboorte, wijst de liefde van de omstanders voor dit pasgeboren kind ons de weg. Ondanks duisternis en armoede en verlatenheid roept de geboorte van dit Kind een ongekende liefde wakker bij alle mensen die in de ogen van dit Kind een nieuwe wereld zien. Kijken naar een kerstafbeelding is focussen, oriënteren. Natuurlijk zien we de duistere details, maar we richten ons op die nieuwe wereld die met dit Kind geboren is. We laten we ons niet meeslepen door de duistere en desolate achtergrond. We pakken we de kern van de boodschap op: juist in die duisternis is de liefde het krachtigst. Die gedachte wil het Kerstkind bij ons wakker roepen: die liefde kan weer opnieuw in ons geboren worden. Dit Kind wordt door Jesaja in de Kerstnacht een goddelijk wonder van vrede genoemd. Grote titels worden meegegeven en wij worden uitgenodigd om die titels in de mond te nemen en met deze overtuiging naar dit Kind te kijken.

We zijn met Covid in een nieuwe wereld wakker geworden dit voorjaar. Onze ogen hebben gezien welke gevolgen de crisis heeft gehad. Het heeft ook laten zien welke verborgen tegenstellingen en zwakheden in onze moderne, complexe samenleving zitten. Het laat zien dat we geen adequaat antwoord hadden op de crisis. Hoe kijken we naar deze wereld? Beschouwen we het leven van de mensheid in deze wereld als een donker tranendal, of spreken we onze overtuiging en ons geloof uit dat mensen in staat zijn om in de voetsporen van dit Kind leven te brengen waar dood heerst? In deze Covid tijd worden we vaker dan anders aangesproken om het contact met anderen en met name van kwetsbaren niet te verliezen. Ondanks het schijnbaar seculiere van onze samenleving is dat christelijk uitgangspunt nog wezenlijk aanwezig in het diepste verlangen van mensen. Juist de crisis van nu heeft dat weer sterker wakker geroepen bij de grote meerderheid van onze bevolking.

We zijn dit jaar wakker geworden in een nieuwe wereld van de mensheid, ongedacht en ongekend. Het Kind herinnert ons aan ons vermogen om gefocust te blijven op de boodschap van de liefde en de onderlinge zorgzaamheid, want dat is de weg, dat is waar dit Kind voor geleefd heeft en gestorven is. Mogen wij in ons denken over de toekomst van de mensheid in deze omstandigheden dit nooit vergeten en juist de krachten bundelen om zijn Licht te laten stralen op de plekken van desolate duisternis en eenzaamheid. Amen