LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Homilie Goede Vrijdag 2022

Een gehavend mens staat voor Pilatus. Gemarteld, bespot, uitgejouwd. Het hosanna van Palmzondag is nu heel ver weg. Jezus keert zich in zichzelf, in de stilte. Hij zwijgt. Hij maakt zich los van het gekrakeel. We hoeven hem niets uit te leggen over de aard van de mens. Het populisme is van alle tijden. Het geroep en het geschreeuw van marktpleinen en straten heeft zich verplaatst naar het internet en social media. Maar het komt net zo hard aan. Destructief en moordend. Een gehavend volk aan de grens van Europa. Kapotgeschoten huizen, vermoorde mensen op de straat, gewonde soldaten en ruïnes van theaters en flatgebouwen. En vooral de kapotgeschoten illusies van een continent dat in vrede leefde.

Als we eerlijk zijn, geven we toe dat we het hadden kunnen zien aankomen, zoals Jezus ook zijn eigen dood heeft zien aankomen. Jesaja zag het al aankomen: het lijkt alsof het goede het onderspit moet delven in een wereld van geweld en oorlog. De profeten van het Goede Nieuws wordt in alle tijden de mond gesnoerd, zij worden belachelijk gemaakt, afgewimpeld als dromers en idealisten. Daarmee verdwijnt wel de hoop op een toekomst.

In de kruisdood van Jezus, zoals Johannes deze beschrijft, gloort ook licht, zoals Psalm 139 het weergeeft: zelfs in het duister is Gods licht aanwezig. Al is het voor ons niet waarneembaar, in de stilte van Jezus is dit licht aanwezig, in zijn woorden tot Maria en de leerling. Zijn laatste woorden voor zijn leerling zijn: “Zie daar je Moeder”, zijn laatste woorden voor God zijn: “Het is volbracht.” Maar wij staan anders onder het kruis dan Maria en Johannes: wij weten dat Hij als een graankorrel in de aarde wordt gelegd. Wij weten dat deze graankorrel vruchten zal dragen. Houden we dat vertrouwen overeind in deze tijd van een kapotgeschoten wereld? Amen

Verkondiging 14 april 2022 Witte Donderdag

Lezingen
Exodus 12, 1-14
Psalm 116
1 Korinthe 11, 23-26
Johannes 13, 1-15

Welkom
Welkom aan het begin van deze drie heilige dagen. De komende dagen trekken we met Jezus mee op zijn moeizame tocht door Jeruzalem, een tocht die een opgang is, maar ook een uittocht. De derde stap is dan een intocht. Deze drie thema’s kunnen ons bezighouden de komende drie dagen.

Witte Donderdag is de opgang naar de bovenzaal, de opgang van Jezus naar Jeruzalem, de opgang van de leerlingen naar de vriendschap met Jezus met als hoogtepunt de eucharistie en de voetwassing. Het priesterschap is uitdrukking van die opgang: het priesterschap is dienstbaar aan de opgang van de geloofsgemeenschap naar de vriendschap met God in Christus.

Goede Vrijdag is de uittocht uit het leven, zoals Jezus die al besprak met de twee mannen op de berg Tabor bij zijn verheerlijking: met Mozes en Elia sprak hij over zijn uittocht uit het leven, zijn lijden dat Hij in Jeruzalem zal voltrekken.

Pasen betekent vernieuwd binnen gaan in het leven. Een intocht met de geloofsleerlingen die die avond de kerk binnen trekken. Alle gelovigen zullen in die nacht opnieuw door het geheim van Gods aanwezigheid in deze wereld binnen gaan.

Ter opening van de heilige drie dagen bidden we de schuldbelijdenis om uit te spreken dat we niet altijd in beweging zijn gekomen voor het Evangelie, maar vaak ook stil afgewacht hebben.

Homilie
Broeders en zusters,
De uittocht uit Oekraïne verloopt niet zoals de uittocht uit Egypte. Mensen komen met allerlei vervoersmiddelen, met treinen, auto’s. Soms worden ze opgehaald uit het Westen van Europa. Anderen komen via familie ergens terecht waar ze opgevangen worden. Er is geen ritueel geweest zoals in Egypte, maar ik zie wel degelijk overeenkomsten met de uittocht uit Egypte. Men vlucht weg uit een land waar geweld en dood heerst, men vlucht weg voor angst in de hoop een nieuw bestaan op te bouwen. Men droomt ook van een veilige toekomst. Het evenwicht dat we dachten te hebben gevonden in ons Europa blijkt verpletterd en verbroken. We kunnen ons niet meer verschuilen achter een mooie façade van welzijn en amusement.

Wat betekent het in deze gebroken wereld, dat er een verbond is? We horen het Paulus uitspreken als de kern van het Laatste Avondmaal: een verbond. Is er een verbond met ons gesloten? Wat betekent dit in een wereld die gebroken is? Juist deze avond van Witte Donderdag laat zien hoe vriendschap kan ontaarden in verraad en verloochening. De vrienden vieren het Pesach en herdenken het verbond van God met zijn volk. Het verbond heeft hen één gemaakt, één volk, één verbond, één God. Maar die vriendenkring wordt wreed verstoord door het verraad van Judas die de kring verlaat om Jezus uit te leveren. Hij laat de andere leerlingen in verwarring achter: ook zij zijn niet meer zo zeker van hun loyaliteit. Zodra in Gethsemane de eerste soldaten hun wapens laten zien, zijn ze gevlogen. Terwijl de avond met optimisme en vrolijkheid begint, eindigt deze met verwarring en onrust en teleurstelling, met als dieptepunt de doodsnood van Jezus in Gethsemane.

Het verbond dat met ons gesloten is, kan in de omstandigheden van nu zijn kracht doen gelden. Dit verbond betekent ook de gave van Lichaam en Bloed. Jezus geeft zich helemaal. Hij geeft zijn leven. Wat voor zin heeft dat? Dat zal blijken met Pasen wanneer God een teken geeft dat dit verbond oneindig is. Het eindigt niet met de dood van Jezus aan het kruis. Het eindigt niet met de ondergang van vrede in Europa. Het eindigt niet in de ellende van de vele vluchtelingen die de wereld kent. Als we durven geloven dat God zijn Zoon Jezus door de dood heen heeft gehaald en nieuw leven heeft gegeven, geeft dat ons de opdracht om aan onze kant van het verbond nieuwe levenskansen te geven aan allen die in nood zijn.

De voetwassing straks is teken van dat verbond: zoals wij als pastores dienstbaar zijn aan parochianen, zijn wij als parochiegemeenschap dienstbaar aan de samenleving van Zoetermeer, als Kerk zijn we dienstbaar aan de wereld. Kunnen wij onze kant van het verbond onderhouden en in een wereld van duisternis en oorlog een geloofsgemeenschap van liefde en dienstbaarheid zijn? Amen

Verkondiging 3 april 2022, vierde zondag Veertigdagentijd

Lezingen
Jesaja 43, 16-21
Psalm 126
Filippenzen 3, 8-14
Johannes 8, 1-11

Welkom
Vandaag beginnen de passieweken: de laatste twee weken naar Goede Vrijdag. De spanning wordt opgevoerd. De confrontatie met de heersende machten komt tot een ontknoping. Vandaag is de tempel het toneel, straks de residentie van Pilatus. Het evangelie plaatst de affaire met de overspelige vrouw in de tempel. Jezus neemt er plaats en onderricht het volk, alsof hij een officiële functie bekleedt. Hij wordt uitgedaagd om zich uit te spreken.

In onze bezinning ter voorbereiding van Pasen, zien we veel kwaad in de wereld, berichten van een oorlog die ons allen bezig houdt, maar er zijn ook vergeten conflicten. We zien de vluchtelingen komen, maar er zijn er nog velen die de afgelopen jaren zijn aangekomen en die nog zoeken naar opvang.

Deze bezinning ondervraagt ook onszelf: wat doen we met het kwaad in onszelf? Onze eigen vergissingen, verkeerde woorden, kwetsende handelingen? Waar hebben wij overspel gepleegd in onze relatie met God? God is hier om ons te vergeven. Hij daagt ons uit om ons leven te vernieuwen. In plaats van het kwaad bij de ander te zoeken en de ander te veroordelen, kijken we naar onze eigen mogelijkheden om de wereld te vernieuwen. Brengen we ons leven bij de Heer.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Wat zal de vrouw zich eenzaam gevoeld hebben! Weggerukt bij haar geliefde. Geplaatst te midden van een agressief publiek. Ze is alleen. Haar geliefde of haar minnaar is in geen velden of wegen te bekennen. Heeft hij haar in de steek gelaten? Of staat hij stiekem te kijken hoe dit afloopt? Is ze in de val gelokt?

Ze wordt tegenover Jezus geplaatst. Wat weet ze van deze rabbi? Weet ze iets van zijn reputatie? Of denkt ze zoals veel mensen: daar heb je weer zo'n religieuze leider die de regeltjes goed kent, maar die het echte leven van gewone mensen aan zich voorbij laat gaan. Ze zwijgt. Dat is misschien het beste als je onder vuur ligt en beschuldigd wordt. Ze ziet haar toekomst vervliegen nu ze bedreigd wordt met steniging. Heeft ze spijt van haar verleden? Of vindt ze de liefde belangrijker dan het leven? Ze is nu overgeleverd aan deze rabbi. Haar leven lijkt in zijn handen te liggen. Broeders en zusters, als kerkgemeenschap staan wij op een kruispunt van ons leven en het leven van onze kerkgemeenschap. We kennen de zorgen over onze toekomst als kerkgemeenschap. De berichten in de kranten en het SCP zijn weinig positief. We weten de fouten van het verleden. De samenleving kijkt meewarig naar de kerk en het christendom en denkt dat het spoedig voorbij zal zijn. Worden we als kerk afgerekend op ons verleden waar veel fout is gegaan? Of bewaren we hoop op de toekomst?

Telkens zoeken we deze kerk weer op in de hoop op inspiratie. We beseffen dat we bij elkaar horen, ook in deze tijden. In deze veertigdagentijd bezinnen we op ons geloven als bron van denken en handelen. We verlangen naar nieuw elan voor ons geloven en onze parochie. We willen het beste doorgeven aan onze kinderen. Juist in tijden van onrust en oorlog, een tijd waarin ons eigen niveau van leven onder druk komt te staan, hebben we inspiratie en bemoediging nodig.

Eerlijk gezegd voel ik me ook wel eens eenzaam zoals de vrouw in het evangelie van vandaag. Ik hoor veel kritiek, ik beluister veel verwijten. Soms zijn ze terecht, maar verhalen worden ook uit hun context gehaald. Eenzijdige berichtgeving die onderschat welke goede werken vanuit kerken en andere geloofsgemeenschappen worden gedaan. De samenleving is soms een geduchte rechter die ik tegenover me heb. Een geduchte rechter die ik niet altijd als rechtvaardig ervaar. Maar wat kan ik daartegen beginnen? Ik besef dat er in de kerk voldoende mensen zijn die zich laten leiden door liefde, barmhartigheid, vergevingsgezindheid en naastenliefde. Er zijn ook verkeerde voorbeelden, dat is zeker waar, maar de liefde is sterker. De liefde overwint alles. Maar wie wil dat horen? Wie wil dat zien?

De tweede lezing vind ik ontroerend mooi: het is een soort liefdesverklaring van Paulus in de richting van Jezus. Dat is wonderlijk omdat hij Hem nooit persoonlijk heeft ontmoet. Paulus spreekt van die liefde in zijn brief aan de Filippenzen. Ik vind het een ontroerende brief van een gezegend mens, maar wel een mens die vervolgd wordt, gevangen wordt gezet en uiteindelijk zijn leven geeft als martelaar in Rome.

Zijn leven lijkt naar menselijke maatstaven mislukt. Hij eindigt op het schavot. En dus is de verleiding groot te denken dat zijn geloof leidt tot niets, alleen tot ondergang en dood. Maar hij vertelt dat zijn gelijkvormigheid met Christus een nieuw leven inhoudt. Die gelijkvormigheid is niet om zomaar een goed mens te zijn, goede werken te verrichten en aardig zijn voor de ander. Nee, zijn gelijkvormigheid gaat dieper: “ik draag het lijden en sterven van Jezus in me”. Dat betekent ook opstanding, nieuw leven! Een ander bestaan. Het perspectief van Paulus reikt over de dood heen, maar dat geeft zijn leven vandaag nieuwe kracht. Wat hij doet, zal toekomst hebben, omdat het God is die toekomst geeft. Al is zijn leven eindig, Paulus beseft dat als zijn daden voortkomen uit de liefde van God, die daden bestendig zullen zijn. Hebben ook wij dat vertrouwen?

Broeders en zusters, al zal onze kerkgemeenschap er in de komende jaren anders uitzien, als onze daden uit de liefde van Christus voortkomen, zullen ze bestendig zijn. Voor de overspelige vrouw lijkt dit de eerste ontmoeting met Christus. Zal haar leven door deze ontmoeting veranderen? We weten het niet. Het verhaal heeft niet voor niets een open eind. Maar juist de mogelijkheid dat haar leven voortgaat na de dreiging van de steniging, geeft nieuw leven. Ook wij beseffen dat ondanks de sombere berichten over de kerk de liefde van Christus blijft. En er zullen altijd mensen zijn die vanuit die liefde leven. Laten wij deze mensen te zijn, leerlingen van vandaag, omwille van het heil van onze wereld. Amen.