LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 8 november 2020, 32e zondag door het jaar

Lezingen
Wijsheid 6, 12-16
Psalm 63
1 Thessalonicenzen 4, 13-18
Mattheüs 25, 1-13

Welkom
Het einde van het kerkelijke jaar confronteert ons met de duisternis van de geschiedenis. De verhalen helpen ons na te denken over het probleem dat het evangelie van Gods koninkrijk door de wereld niet alom aanvaard wordt. Hoe kan het zijn dat de wereld zich vastklampt aan allerlei verhalen en gedachten die voor ons ver af staan van waarheid en wijsheid? De meest wonderlijke complottheorieën en buitensporige verdachtmakingen doen de ronde. Hoe kunnen mensen met open ogen daarin trappen?

Wat is dan wijsheid? Hebben wij die in pacht? Bezitten wij de ware wijsheid? De eerste lezing helpt ons uit die droom: de wijsheid van God zoekt ons en die kunnen we slechts ontdekken wanneer we onderweg blijven. Vandaag zetten we weer een stap op onze levensweg. Het is een stap om onze lamp brandend te houden en met goede moed onze levensweg te gaan, met elkaar.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
De wijsheid is heilig. Wijsheid in Bijbelse verhalen is vooral de manier waarop we naar de wereld en de gebeurtenissen kijken. Wijsheid heeft alles te maken met levensbeschouwing, met visie, met zicht op wat er gebeurt in de wereld. We lezen de verhalen van grote mannen en vrouwen in de Bijbelse geschiedenis, die allemaal een ontdekkingstocht moeten doormaken van duisternis naar licht. De wijsheid laat zich niet zomaar vinden in een boekenkast of in de krant en nog minder op het internet. Het is een lange ontdekkingstocht die ook geduld vraagt en periodes van lang wachten en diepe duisternis kent. Dat lezen we uit de parabel van de tien meisjes. Laten we daarom de eerste lezing goed lezen: de wijsheid verwerven is niet een kwestie van je huiswerk goed maken en de feiten uit je hoofd leren. Het gaat niet om de cijfers waarmee we onze werkelijkheid kunnen meten. Cijfers zijn natuurlijk niet onbelangrijk, allerminst. Wie de Amerikaanse verkiezingen volgt, weet dat cijfers wel degelijk het verschil kunnen maken. Maar met cijfers is nog geen wijsheid verworven. Ook als we de uiteindelijke stemverhoudingen in de VS kennen, wil dat nog niet zeggen dat we de ontwikkelingen in deze democratie begrijpen. Er is meer aan de hand dat niet simpelweg door cijfers en feiten te begrijpen valt.

De wijsheid, de Sofia, is een scheppend geschenk van God. Elders in de Bijbel wordt de schepping verbonden met het spreken van God. Gods Woord brengt onze werkelijkheid tot stand. Wij zelf zijn ook de vrucht van Gods levenwekkende woord. Dat besef, die levensbeschouwing is de eerste stap op weg naar het ontdekken van de wijsheid. De boodschap van het boek Wijsheid, dat amper een eeuw voor Christus is ontstaan, is dat wijsheid de perfectie van kennis is. Het is een geschenk van God voor de mens die op zoek gaat, de mens die zich vragen stelt, die met een gelovige houding de wereld en de geschiedenis beschouwt. Deze tocht is eerder een ontdekkingstocht dan een zoektocht. Een zoektocht betekent voor mij een eenzijdige inspanning. De mens is onrustig omdat hij de wereld wil beheersen en begrijpen, in de letterlijke zin van ‘grijpen’. Een zoektocht suggereert dat er feitelijke kennis ligt te wachten totdat die gevonden wordt, zoals je sleutels kunt zoeken die je niet meer weet te liggen of zoals je een natuurverschijnsel wilt begrijpen en de wetmatigheden van de natuur.

De ontdekkingstocht van de wijsheid is een dynamische weg waarin wij zelf ook gevonden worden. We lezen het in de eerste lezing: we denken dat we dikke boeken moeten lezen of uren besteden op het internet om kennis op te doen, maar de boodschap van vandaag is dat de wijsheid al aan onze deur is en op zoek is naar ons. Wijsheid vraagt dus ook rust, bezinning en contemplatie en niet zozeer letters verslinden.

Ware wijsheid is ontmoeting. Dat wordt in onze samenleving bemoeilijkt: wanneer ontmoeten mensen elkaar nu echt? We zien versterking van de polarisatie. De politieke spanningen in de VS lopen op. In onze eigen samenleving leeft irritatie en agressie. Elkaar beledigen en bedreigen gaat ons beter af dan de verschillende visies en meningen gebruiken als bouwstenen voor een samenleving die nu eenmaal een complex en gevarieerd bouwwerk is.

Het oecumenisch vredesgebed van afgelopen vrijdag op het plein voor de Jacobuskerk was gewijd aan de aanslagen in Parijs, Nice en Wenen en had bijzondere gasten. Net alleen diplomaten van de betrokken landen waren aanwezig, maar ook moslims en vertegenwoordigers van andere levensbeschouwingen. Wat was de boodschap? Dat we naast elkaar staan en dat we elkaar niet laten uitspelen tegen elkaar. Dat levensbeschouwingen en religies geen bezitters zijn van de waarheid, maar allen een ontdekkingstocht ondernemen. De waarheid laat zich niet door ons manipuleren, maar openbaart zich aan ons. Het samenzijn rond het vredesgebed is een boodschap voor de samenleving; als religies en levensbeschouwingen elkaar weten te vinden, dan moet dat toch voor alle mensen mogelijk zijn? Dat is dus een hoopvol teken.

De vijf meisjes van het evangelieverhaal lijken onbarmhartig door hun olie niet te delen met de anderen: maar de olie staat voor Wijsheid en ieder heeft de opdracht om Wijsheid te ontvangen. Dat kun je niet aan anderen overlaten. Dat mensen in onze samenleving voldoende olie van Wijsheid bewaren om ons voor te gaan op de weg is hoopvol. Laten wij op die manier ook onze oliekruiken vullen met ware wijsheid die ons door God geschonken is. Amen

Verkondiging 2 november 2020, Allerzielen

Welkom
Een wonderlijke Allerzielen vieren we dit jaar. We mogen maar met een kleine groep samen zijn. Ook het vieren en gedenken thuis is beperkt. Het voelt soms verlaten en eenzaam. We kunnen niet zomaar bezoek thuis ontvangen. In deze duistere periode ontsteken we kaarsen. Ook buiten onze katholieke kring bestaat dit jaar een enorm groot verlangen om de doden te gedenken. Zelfs buiten de katholieke en protestante kring worden kaarsjes gebrand. Licht ontroert mensen, ook al weet men niet altijd dat dit licht staat voor leven, voor God die het licht geschapen heeft, het eeuwige licht dat alle mensen verlicht.

De kwetsbaarheid van het leven is voor veel mensen concreet en tastbaar geworden. Soms was ook de periode voor het overlijden door Coronamaatregelen pijnlijk en verdrietig door beperking van bezoek en nabijheid. Wij zijn hier samen om de eucharistie te vieren. We mogen het Brood van Leven ontvangen. Dit helpt ons de hoop te bewaren op een gezamenlijke toekomst in Gods vrede. Eenheid, vrede, licht en leven zijn kernwoorden van het evangelie. Laten we gaan staan om in stilte onze dierbaren en alle doden te gedenken.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Allerzielen betekent voor veel mensen terugkijken. Herinneringen kunnen troostend zijn. Ze kunnen helpen om een moeilijke periode van pijn en zorg, die veel van mantelzorgers en andere zorgverleners gevraagd heeft, een beetje te vergeten. Als we de mooie dagen in herinnering roepen en als we beseffen wat een partner, broer of zus, vriend of vriendin, of kind voor ons betekent, dan wordt ons hart weer licht en kunnen we weer glimlachen om het goede dat we gedeeld hebben. Herinneringen met elkaar delen, ook op deze dagen rond Allerzielen, verbindt ons met elkaar als familie en vrienden. We worden een gemeenschap van liefde en verbondenheid. We pakken op die manier de oude christelijke traditie op met verhalen die mensen die gestorven zijn, weer present stellen. Verhalen over mensen helpen ons de grens van tijd en ruimte te overwinnen en verbonden te zijn met hen die ons zijn voorgegaan.

Het begrip van eeuwigheid gaat ons verstand en onze ervaring te boven en toch reiken we aan die eeuwigheid als we herinneringen ophalen. Herinneringen zijn geen objecten buiten ons, maar we dragen die met ons mee in onszelf. Het gaat bij onze herinneringen aan onze dierbaren ook om wie wij zelf zijn. Het gaat om onze identiteit: zij hebben ons veel gegeven waardoor wij zijn geworden wie wij zijn. Dat geldt zeker voor echtgenoten en echtgenotes, maar ook voor ouders en kinderen, of je broer en zus.

Gisteren hebben we de Familia Dei herdacht op het feest van Allerheiligen. Dat zijn de heiligen die ons zijn voorgegaan en die ons omringen en die ons herinneren aan onze eigen opdracht om heilig te worden. Vandaag is het de Familia Dei van onze dierbaren die we bij God aanbevelen. Maar belangijker dan het terugkijken naar hun leven en verdrietig worden om wat we niet meer kunnen delen, en getroost worden door mooie herinneringen, wil ons geloof perspectief geven op een toekomst.

De weg die onze dierbaren zijn gegaan is een weg die we allen gaan. Dit perspectief schetst Paulus in zijn brief aan de Romeinen. Het ergste wat de mens kan overkomen is dat hij/zij afgescheiden wordt. “Wie zal ons scheiden van de Liefde van Christus?” Als onze dierbaren overlijden, dan wordt ons de liefde afgenomen, zo voelt dat. Paulus schrijft dat Christus heeft gezegd dat de liefde niet vergaat en dat de liefde een huis van eeuwigheid is. Voor hem is dat het fundament voor de overtuiging dat we eens in diezelfde Liefde verenigd zullen zijn.

Dat is ook de boodschap van Jezus aan het adres van Marta en Maria die wanhopig zijn door het sterven van hun broer, hun geliefde Lazarus. “Het leven nu is voorbij!” zegt Marta. Nee, zegt Jezus, het leven is meer dan de alledaagse realiteit van wat wij zien en ervaren. De verrijzenis is de levende verbinding met Christus. Wij delen die verbinding door de verhalen van zijn leven, door de viering van de eucharistie met het ontvangen van het levende Brood.

Wij verbinden de verhalen van onze geliefden met het verhaal van Jezus Christus. Wij horen van Hem dat onze liefdevolle verbondenheid niet voorbij gaat maar juist door God, de liefde zelf, voltooid zal worden. Dat geeft toekomstperspectief; daardoor mogen we vooruit kijken met het gelovig besef dat we ooit weer verenigd zullen zijn. Hoe dat zal zijn weten we niet, welke beelden we daarbij kunnen gebruiken weten we niet. Maar het geloof in de verrijzenis vertelt ons dat de mensheid in God verenigd zal zijn, ook onze dierbaren. Moge dat geloof ons bemoedigen. Amen.

Ik wil tot slot enkele woorden met u delen. Het is een gedicht geschreven door iemand die dit jaar gestorven is, en vanuit onze parochie begraven.

Als ik doodga
als ik doodga, laat dat dan langzaam gaan
laat het God zijn, die mij sterven doet
laat mijn sterven een ontwaken zijn
een dag die aanbreekt als ik gaan moet
langzaam opgaan in Gods overvloed.

(uit: Bacchus Rietveld (Peter van Schilfgaarde 1936-2020), Glimlachjes en andere weemoedigheden. Wolters Kluwer, 2019)

Verkondiging 1 november 2020, Hoogfeest van Allerheiligen

Lezingen
Openbaring 7, 1-4.9-14
Psalm 24
1 Johannes 3, 1-3
Mattheüs 5, 1-12a

Welkom op dit hoogfeest
We zijn niet alleen in deze wereld en in deze geschiedenis. We worden omgeven door een talrijke Familia Dei: mensen die ons zijn voorgegaan en die in moeilijke omstandigheden de vreugde van het geloof hebben kunnen vasthouden als bron van inspiratie en naastenliefde. Op die manier worden we omhelsd door de tederheid van God zelf. Ook in deze tijd streven we naar heiligheid. Dat is niet hetzelfde als moralistische vroomheid. Het gaat erom levende getuigen te zijn van het evangelie van Christus. We stellen zijn liefde present door op onze beurt mensen te omhelzen met de tederheid van God.

De heiligen helpen ons om vertrouwen te houden, ook in een wereld van geweld en aanslagen zoals in Nice en Avignon en gisteren in Lyon. We weigeren om ons te laten opsluiten in angst en vrees. We laten ons het gelovig vertrouwen niet afnemen. De Heer wijst de weg. Voor die keren dat we ons lieten meenemen door boze reacties en de roep om vergelding, bidden we om vergeving en om ontferming van de Lieve God.

Homilie
De drie lezingen van vandaag laten drie verschillende groepen heiligen zien. Hier wordt duidelijk dat heiligheid niet alleen maar gaat om de gecanoniseerde heiligen. Op de eerste plaats is er het hemels visioen van de menigte die ontelbaar is en die in vrede bij God is na een moeilijke periode op aarde. Het zijn de geloofsgetuigen die in de tijd van de Apocalyps zo talrijk waren. De herinnering aan hun leven wordt levend gehouden in tijden van geweld. Anders dan het woord martelaar nu vaak gebruikt wordt, is een christelijke martelaar een geloofsgetuige die de kracht van de liefde laat zien, die alles overwint in de aanblik van lijden en dood. De verhalen van fysieke vervolging komen door een aanslag in Nice dichterbij. Het roept bij ons gevoelens van solidariteit op met de vele christenen die in onze tijd vervolgd worden. Lees de site van Kerk in Nood: daar lees je de getuigenissen. Veel te veel! Toch is ons antwoord het evangelie van Christus; dat is de weg ten leven.

Het evangelie biedt een basis voor die houding in de Zaligsprekingen die we jaarlijks lezen op Allerheiligen. Het is de weg van heiligheid die een kwetsbare mens laat zien. De acht groepen mensen die zalig genoemd worden gaan samen de weg naar de volmaaktheid. Het zijn de mensen die op deze aarde proberen Christus' evangelische levenswandel na te volgen. Het koninkrijk Gods woont in hun hart en zal hun niet ontnomen worden. Christus geeft hier ook aan dat dit een gezamenlijke weg van de gehele geloofsgemeenschap is. Ieder heeft daar een eigen bijdrage in: vredestichters, werkers van gerechtigheid, zachtmoedigen, barmhartigen, zuiveren van hart, eenvoudigen van geest. Sommigen gaan de weg naar binnen met hun diep gewortelde spiritualiteit en gebed en anderen gaan de weg naar buiten van actie en maatschappelijke inzet.

Met de tweede lezing uit de brief van Johannes komen we dichter bij onszelf: daar worden met de heiligen alle gelovigen bedoeld. Zij zijn door het doopsel geheiligd. Wij allen dus. Het doopsel is het teken van het proces waarin wij leven: om gelijkvormig te worden aan Christus. We worden ondergedompeld in het leven van Christus. Dat is een proces van dood naar leven. De verrijzenis is het moment van voltooiing. Dat is voor ons belofte. Het is geen toekomstdroom, maar hoop. Opstaan uit duisternis van de dood die alom lijkt te regeren. In die duisternis geloven wij niet.

De beelden van verdrietige parochianen van de Notre Dame de Nice hebben me geraakt: parochianen die hun koster en medegelovigen betreuren. Het verdriet komt dichtbij en wordt herkenbaar omdat het onze broeders en zusters betreft. In een gesprek met een van de leden van het bestuur van de Haagse Gemeenschap van Kerken sprak ik over de vraag of we ons ook bedreigd zouden moeten voelen? In ieder geval merken we dat ons geloof ons kwetsbaar maakt. Er worden nog geen kerken beschermd zoals in Italië en Frankrijk. Toch is het zo dat als geloofsgenoten zo dichtbij worden aangevallen, wij ook aangevallen worden.

Het evangelie roept weerstand en verzet op. Daarin ligt juist onze kracht, zoals Paulus schrijft in zijn kruistheologie: daar waar we het kruis van Christus verkondigen - namelijk dat mensen in het leven lijden ontmoeten - wordt de verrijzenis al zichtbaar. Die visie bemoedigt ons en houdt ons bij elkaar. Die visie houdt ons op de weg van heiligheid. In die visie worden we omhelsd door Gods tederheid. De menigte van de Apocalyps gaat ons voor in de aanbidding van het Lam. Laten we ons aansluiten bij die menigte en het oog gericht houden op Christus, het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt en ons bemoedigt. Amen