LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 7 januari 2024 – Openbaring des Heren

Lezingen
Jesaja 60, 1-6
Psalm 72
Efeze 3, 2-3a.5-6
Mattheüs 2, 1-12

Welkom
Welkom op onze ontdekkingstocht naar het licht. In deze donkere wereld zoeken we naar redenen om hoop te bewaren. De wijzen gaan ons voor en tonen de weg. Zij zien aan de donkere hemel allerlei tekenen en signalen. Zij herkennen in deze ene ster de koning der Joden. Zo zullen ze hem ook benoemen in het huis van Herodes. Tot afschuw van de zittende koning, maar het evangelie houdt vol: in hetzelfde Mattheüs evangelie zal dit geschreven staan boven het hoofd van dit Kind wanneer hij gekruisigd wordt: Dit is Jezus van Nazareth, koning der Joden. Dit Kind is bron van licht en hoop. Zolang wij zijn naam blijven noemen en in zijn voetspoor willen gaan, is er hoop voor de wereld. Laten we in dit samenzijn in deze eucharistie, die ons Huis van Brood is, ons ‘Beth-Lehem’ vandaag, hoop putten voor ons en voor onze wereld.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
De sterrenhemel is voor ons meestal achter wolken verscholen. En door de lichtvervuiling waardoor het in ons land eigenlijk nauwelijks echt donker is, zeker hier in het Westen, zien we maar een fractie van de sterren die de wijzen in het Oosten hebben gezien. Dat betekent dat zij een ontelbare hoeveelheid sterren zagen en toch die ene eruit pikten en herkenden als een teken van de hemel. Een teken van koningschap, een teken van wereldvrede. Zij hebben een opmerkzame geest! Deze wijzen uit het Oosten zijn hemelgeleerden, maar het gaat hen wel degelijk om de aarde, om de mensheid. Waarom zouden zij anders op pad gaan om dit Koningskind in een ver land te gaan bezoeken? Dit Kind heeft een boodschap voor heel de wereld. Die boodschap willen zij leren kennen. Zij gaan met hun geschenken op pad. Maar de reis wordt ingewikkelder dan zij dachten. Zij komen in de hoofdstad Jeruzalem en daar zien ze geen vreugde om een pasgeboren Koningskind, maar een angstige koning die zich niet durft aan te sluiten bij deze wijzen. De gevestigde macht smeedt complotten om de macht te behouden en is niet geïnteresseerd in de vredesboodschap van dit Kind. Integendeel, hij wil deze boodschap smoren in nietsontziend geweld.

Wat kunnen wij van de magiërs leren? Het zijn eigenlijk vijf stappen die we van hen kunnen meenemen en die we allemaal in ons eigen leven kunnen toepassen. De vijf werkwoorden die daarbij horen, zijn: opkijken, bewegen, corrigeren, aanbidden en verkondigen.

Op de eerste plaats kijken de wijzen omhoog naar de hemel. Zij kijken verder dan de actualiteit van iedere dag met de ellende die daar te lezen is. Je zou kunnen zeggen: na het lezen van de krant lezen ze de Bijbel. Ze zien wat in de wereld gebeurt, maar kijken vervolgens in geloof naar de Openbaring, de boodschap van de profeten. Zoals vandaag Jesaja: “Duisternis bedekt de aarde, het donker de volken, maar over u gaat de Heer op en zijn glorie is over u verschenen.” Net als de wijzen bewaren wij het zicht op God en zijn vredesboodschap.

Vervolgens komen de wijzen in beweging. Zij zijn geen kamergeleerden, maar hun verwondering over wat zij gezien en begrepen hebben, brengt hen in beweging. Zij verlaten hun studeerkamer. Het is verwondering die beweging te weeg brengt. Geloven betekent verwonderd kijken naar de wereld, waar tekenen van vrede zichtbaar zijn en waar deze tekenen werkelijkheid worden zodra mensen besluiten om er iets mee te doen. Geloof brengt in beweging. Wij zijn verwonderd over de boodschap van vrede die Christus heeft gebracht en dat brengt ons in beweging. Daar begint de noodzakelijke verandering.

Daar is het derde woord: corrigeren. De wijzen wijzigen hun route en laten zich corrigeren door hun teleurstellende ervaring in Jeruzalem. Zij gaan niet naar huis na hun teleurstellende bezoek aan Jeruzalem, maar zij overwinnen hun teleurstelling en gaan opnieuw op zoek. Hun gelovig vertrouwen is groter dan hun teleurstelling. Dat geldt ook voor ons. Hoe vaak worden we niet teleurgesteld: in de kerk, in de samenleving, in elkaar? We blijven dan niet hangen in onze teleurstelling en we durven onze eigen houding te corrigeren en weer opnieuw op te staan en te bouwen aan de wereld. We keren ons niet af en sluiten we ons niet af. Dat laten we ons niet gebeuren, daar is ons geloof te krachtig voor.

Aangekomen in Bethlehem zien de wijzen het Kind en zijn Moeder Maria. Zij verstaan dit eenvoudige tafereel als bron van hoop voor de mensheid. Bron van hoop op vrede. Het is een moment van verstilling en reflectie. Dit is Gods antwoord op ons zoeken: Hij is ons nabij zoals een Moeder nabij is aan een kind. Gisteren keek ik naar de uitvaart van mgr. Smeets in Roermond en daarna naar het programma: “Het wonder bleef uit.“ De bisschop en mensen om hem heen spreken over zijn leven, zijn ziekte en zijn geloof. Hij zelf getuigt van de nabijheid van God in zijn ziekbed. Een uitdrukkend getuigenis van geloof en vertrouwen. Als wij leven vanuit het besef van die nabijheid en telkens weer God aanbidden, vinden we de kracht voor ons verdere leven. Iedere eucharistie is een moment van aanbidding en we nemen dat ook mee naar ons eigen leven. God zoekt in Christus een manier om in ons aanwezig te blijven. Daarom luisteren we naar zijn Woord en ontvangen we het Eucharistisch Brood.

Ten vijfde gaan we met de wijzen een nieuwe weg, een weg van verkondigen. We durven ervan te vertellen. Als we naar huis gaan van hier, zwijgen we niet over ons geloof maar we delen het met de mensen die we ontmoeten. We laten ons niet aanpraten dat geloof en kerk irrelevant zijn! Als we de wijzen volgen, zullen we niet zwijgen, maar gaan we op een nieuwe manier ons geloof uitdragen. We bidden dat de Geest van het Kerstkind ons altijd zal inspireren tot die nieuwe wegen. Amen