LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 20 februari 2022, zevende zondag door het jaar

Lezingen
1 Samuël 26, 2.7-9.12-13.22-23
Psalm 103
1 Korinthe 15, 45-49
Lucas 6, 27-38

Welkom aan u allen,
De storm is gaan liggen. Het duister lijkt verdreven. De dreiging in de wereld is helaas niet minder en de hardheid van de mens is niet gaan liggen. Telkens komen nieuwe stormen op. De woorden van Jezus helpen ons om in de onrust van de wereld dichtbij de geest van het evangelie te blijven en ons niet te laten meeslepen door de hardheid van de wereld. We willen hier met elkaar herbronnen en weer bemoediging vinden om in de Geest van Jezus te blijven leven en handelen. Verwijderen we in de rust van deze viering van vandaag alle onrust van ons hart en vragen we God om vergeving en ontferming.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
De lans van koning Saul is een machtig instrument. Koningen van alle tijden dragen een symbool van macht. Vaak een scepter of een zwaard of een rijksappel. In Nederland zijn we hierin nogal sober, maar wie beelden van Engeland ziet, waar de koningin de zeventigste verjaardag viert van haar koningschap, herkent daar oude tradities in de symbolen. Onderschat dus dit symbolische gebaar van David niet: hij laat Saul in leven, maar hij neemt wel de lans weg. Hij toont zich een waardige en barmhartige tegenstander, maar hij berooft hem wel van de koninklijke lans! Het is het teken dat het koningschap Saul zal worden ontnomen en de opdracht die God hem gegeven heeft, wordt aan een ander gegeven.

Terwijl David vervolgd wordt door koning Saul, beantwoordt David dit met barmhartigheid. Hij laat hem in leven terwijl Abisaï, zijn bondgenoot, tot harder optreden oproept. Het is de spanning tussen vredesduiven en oorlogshaviken waar alle leiders mee te maken hebben: moeten we hard zijn en fel en duidelijk optreden? Of moeten we juist verdraagzaamheid betrachten en flexibel zijn. We kunnen kijken naar grote kwesties zoals oorlogsdreiging in Europa: moeten we optreden of juist diplomatiek zijn? We kunnen ook nadenken wat dit voor onszelf betekent. Wanneer wij geconfronteerd worden met haat en boosheid: wat is dan onze reactie? Het evangelie van vandaag nodigt ons uit om ons niet zomaar door onze primaire reacties te laten leiden.

Een mooi voorbeeld kunnen we vinden bij de zuster van de priester die in 2016 door terroristen in Frankrijk in de kerk na de mis werd vermoord, Jacques Hamel. Maandag komen mannen die bij de aanslag betrokken waren voor de rechter. Zij spreekt verzoenende woorden. Zij beseft heel goed wat er misgaat in een samenleving die geen oog heeft voor onderliggende gevoelens van groepen inwoners. Rosaline Hamel, de zus van de priester, vond in de persoon van Maria, de lijdende Moeder, die haar dode zoon in haar schoot ontvangt, inspiratie om contact te leggen met de moeder van de dader. Zij delen elkaars verdriet en zus Rosaline koestert haatgevoelens noch verlangen naar wraak. Haar woorden aan de vooravond van de rechtszaak willen geen haatgevoelens versterken, maar vragen erkenning voor de pijn die geleden wordt, zowel door de familie van de priester, als ook door de anderen die door deze daad van geweld gekwetst zijn.

Haar broer riep uit vlak voor zijn sterven: “ga weg van mij Satan!” Hij herkende in deze daad van geweld een kwaad dat groter is dan de twee jongens die hem het leven ontnamen. Zijn wij onmachtig tegen dit kwaad? Jezus leert ons dat wanneer wij dit kwaad met nog meer kwaad te lijf willen gaan, we zeker zullen verliezen. Wie zijn wij in de aanblik van dat kwaad? David kiest ervoor om niet dezelfde strategie van kwaad toe te passen in zijn strijd met Saul. Hij neemt de lans weg als teken dat hij het koningschap dat door God geschonken wordt als het ware veilig wil stellen. Dat koningschap geven we niet uit handen. Zijn daad van barmhartigheid betekent niet dat David geen ambitie heeft het koningschap over te nemen.

Als wij geconfronteerd worden met kwaad en boosheid van anderen, is het zaak om als het ware de lans veilig te stellen. Ik zou die lans dan vertalen als het wezen van ons menszijn, de goedheid van ons hart, de mogelijkheid tot vergeving. Het is een koninklijke houding die Jezus ons aanraadt: met die lans mogen we sterk staan. Dat is geen koningschap om de ander te domineren en te overheersen, maar een koningschap dat juist de ruimte biedt om samen verder te leven, om weer nieuwe wegen samen te vinden. De zus van pastoor Hamel en de moeder van de dader hebben elkaar ontmoet en zijn tochtgenoten geworden. Zij strijden beiden voor een wereld waar mensen elkaar niet zwart maken en geen angst zaaien, maar gezamenlijk hun verantwoordelijkheid op zich nemen. Die barmhartigheid geeft leven en liefde. Ook wij leveren die strijd in ons eigen leven telkens wanneer we kwaadheid en boosheid ontmoeten. Kunnen we dan antwoorden met woorden van verzoening en barmhartigheid? Moge de Geest ons daartoe inspireren. Amen.