LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 21 februari 2021, eerste zondag van de veertigdagentijd

Lezingen
Genesis 9, 8-15
Psalm 25
1 Petrus 3, 18-22
Marcus 1, 12-15

Welkom
Welkom in deze woestijn. We zijn hier niet alleen. Jezus is ons voorgegaan. De Geest dreef Hem voort. Dat moet Hem vertrouwen hebben gegeven. Zijn wij met vertrouwen aan deze veertigdagentijd begonnen? Hoe voelen we ons in deze bijzondere vastenperiode? Voelen we ons door de Geest gedreven of door de Geest verlaten? We weten welke richting we uitgaan: ons kompas - het evangelie - zegt: Pasen, leven, opstanding, liefde. Laat dat niet alleen ons spoor zijn, maar ook onze bagage en laten we die onderweg niet verliezen. Bidden wij om reiniging, om ontferming en vergeving.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Twee groepen houden Jezus gezelschap in de woestijn van Marcus: wilde dieren en engelen. Geen van beide groepen kunnen Hem deren. Sterker nog: Hij is daar op zijn plek. De wilde dieren zijn immers de schepselen van zijn Vader in de hemel. God heeft de eerste mens omringd met de dieren van het veld en de vogels van de lucht en met alles wat over de grond kruipt. Het is de tuin van de schepping, de plek waar de mens zichzelf vindt, maar die eerste mens voelt er eenzaamheid, hij valt in een diepe slaap. Een depressie overvalt hem door die eenzaamheid. Wie van ons kent die eenzaamheid niet? Ook als je getrouwd bent, of in een gezin woont kan de eenzaamheid je overvallen. In die eenzaamheid kijkt de leegte de mens aan. Ondanks de aanwezigheid van al die medeschepselen voelt de eerste mens zich zinloos en alleen. Dat verandert pas bij de ontmoeting met zijn wederhelft, zijn partner, de ander met een gezicht die hem aankijkt en echt contact met hem heeft, de naaste die met hem communiceert en spreekt en luistert. Dat communiceren moet de mens nog leren, want het gaat met de eerste kinderen van het eerste mensenpaar helemaal fout: zij zien elkaar, maar zijn niet elkaar hoeders en staan elkaar naar het leven. Kaïn vermoordt Abel!

Ook Noach zal zich ongelooflijk eenzaam hebben gevoeld: weten dat God de mensheid wil verdelgen, maar jou heeft uitgekozen om de mensheid te redden in een bootje op hoge golven en diepe wateren. Met wie kun je dit verhaal delen? Zijn vrouw en kinderen staan om hem heen, en bereiden met hem de boottocht voor waarvan niemand weet hoe lang die duurt en waar die heen zal gaan. De zorg voor de dieren houdt hem bezig en geeft afleiding, maar de eenzaamheid zal groot geweest zijn. Nadat de regen is opgehouden en het water gezakt is, ziet Noach een olijftakje in de snavel van een duif. Een onvergetelijke aanblik die sindsdien in het geheugen van de mensheid gegrift staat als teken van hoop op een betere wereld die nog niet zichtbaar is. De eenzaamheid van die schoongewassen wereld straalt een enorme leegte uit. Een leegte die langzaam gevuld wordt door de dieren die zich opnieuw verspreiden over de aarde. Weet Noach zeker dat deze ramp nooit meer zal gebeuren? Kan hij God vertrouwen?

Het teken dat hem gegeven is, lijkt een luchtspiegeling maar is wonderschoon: een boog in de hemel. Dat geeft moed en vertrouwen om de eenzaamheid te overwinnen. Zijn antwoord is: een wijngaard aanleggen. De woestijn tot bloei brengen, vruchtbaar maken. De wereld is immers niet gemaakt als een woestijn. Dat hebben we er misschien van gemaakt, maar God is begonnen met een tuin. Een tuin met dieren. Jezus is gekomen om de woestijn van de wereld weer tot een tuin met dieren te maken, een tuin die vruchten draagt, een tuin waar de mens zich thuis voelt.

Jezus wordt ook omringd door de engelen. De boodschappers van de aanwezigheid van God laten zien dat in Jezus meer is dan alleen een kind van Adam en van Noach. De engelen omringen Hem omdat ze in Hem de aanwezigheid van God zelf herkennen. Daarom begeven die engelen zich naar die plek van verlatenheid. Ondanks zijn goddelijke natuur ziet Jezus de eenzaamheid. Omringd door dieren en engelen kijkt Hij zijn levensbestemming in de ogen: is dat de weg die Hij moet gaan? Durft Hij de woestijn van het menselijke bestaan wel aan? Al op die eerste bladzijden van het Marcus evangelie doemt het kruis al op: de satan, de tegenstander, de tegenkrachten tegen het goede van God laat zijn gezicht zien. Hij is de diabolos die alles in de war stuurt. Hij zet mensen tegen elkaar op, staat verzoening in de weg, zaait angst en verdeeldheid. Maar in Jezus is geen angst, in Hem is leven, in Hem is licht en vrede.

Dat is ook onze weg. In de eenzaamheid die we ervaren, in de onzekerheid en kwetsbaarheid die we onder ogen zien, herkennen we Christus omringd door de schepselen, de hemelse en de aardse. Mogen wij ons ook omringd weten door de goede krachten van God die de tegenstander op afstand houden, de tegenstander die we soms in onszelf ontmoeten tot onze schrik. Christus legt hem het zwijgen op. De symbolen van deze tijd, de sacramenten, Gods woord, de geloofsbelijdenis, de onderlinge liefde zijn krachtiger dan alle diabolische krachten. Dat is onze weg in deze veertigdagentijd. Ik wens ons allen een vruchtbare tijd. Amen