LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging twintigste zondag door het jaar, 16 augustus 2020

Lezingen
Jesaja 56, 1.6-7
Psalm 67
Romeinen 11, 13-15.29-32
Mattheüs 15, 21-28

Welkom
Welkom bij deze reis van Jezus die het land Israël verlaten heeft en in het gebied van Tyrus en Sidon aangekomen is. Hij heeft een nare confrontatie achter de rug met de Schriftgeleerden die maar niet begrijpen dat de reinheid van de mens uit diens binnenste komt en niet gegarandeerd wordt door uiterlijke gebruiken en rituelen. Dit verhaal is toepasselijk omdat het zich in het gebied van het huidige Libanon afspeelt. Vandaag zijn we op initiatief van de bisschoppen en Cordaid bijzonder verbonden met Libanon en Beiroet vanwege de explosie veertien dagen geleden. Er is straks ook een collecte.

Laten we ons bezinnen op de vraag of we werkelijk open staan voor tekenen en woorden van geloof die andere mensen met ons delen. Kunnen we bij hen verstaan wat hun geloof is? Of willen we slechts onze eigen beelden en ideeën bij de ander terugzien? De confrontatie met de Kanaänitische vrouw heeft niet alleen Jezus geraakt, maar dit verhaal heeft de vroege kerk bewaard als opdracht tot een missionaire houding. Die hebben we in onze tijd heel hard nodig.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van de Heer,
Tegen zijn verwachting in komt Jezus hier buiten Israël een krachtig voorbeeld van geloof tegen. Het is een grote tegenstelling met de Schriftgeleerden met wie Jezus net een confrontatie heeft gehad over de zin en onzin van rituele gebruiken en gewoonten (Mt 15, 1-20). Hij voerde met hen een discussie over innerlijke en uiterlijke reinheid. De teleurstelling en boosheid van Jezus is in die passage goed op te merken. Keert hij daarom Israël de rug toe en verwijdert hij zich van die lieden die menen de rechtvaardigheid op zak te hebben?

Eigenlijk kunnen we zeggen dat de Kanaänitische vrouw, die door Jezus aanvankelijk genegeerd en afgewezen wordt, hem confronteert met de consequenties van zijn woorden die hij eerder uitsprak tegen de Farizeeën en Schriftgeleerden. Als de reinheid van de mens niet bepaald wordt door uiterlijk gedrag, maar door de houding van het hart, zou er dan ook oprecht geloof aanwezig kunnen zijn bij deze vrouw, ook al is zij geen dochter van Israël? Zij spreekt Jezus immers aan vanuit haar hart dat vol is van geloof - zij noemt Jezus Zoon van David en erkent hem dus als koning, een echte geloofsbelijdenis! - en zij is vol van zorg om haar dochter die vreselijk bezeten is. Die oprechtheid raakt Jezus.

De symboliek van de honden moeten we ook niet over het hoofd zien. Deze honden werden als onreine dieren gezien, die leven van de rotzooi van de straat. Dus de vergelijking met de honden is een kwetsende vergelijking. Maar de vrouw wijst nog op een andere functie: zij hebben ook de functie om het onreine weg te werken: en dat kan een positief effect hebben. Zij hebben in het oude verhaal van de koningen van Israël een reinigende functie gehad in het wegwerken van de herinnering aan de heidense koningin Izebel. Zij was getrouwd met koning Achab van Israël en was een fel tegenstander van de profeet Elia. Zij heeft hem willen doden, maar kwam zelf om het leven en werd gedegradeerd tot hondenvoer (1 Kon 22, 38). Door de honden werd haar herinnering uitgewist. Dus ook hier blijken onreine dieren een reinigende functie te hebben gehad. De vrouw herinnert Jezus aan die positieve rol.

Deze ontmoeting is voor de jonge kerk een aansporing geweest om geloof te vinden buiten de gebaande wegen. In de discussie over de vraag of men eerst Joods moet worden om een goed christen te zijn, heeft dit verhaal een cruciale rol gespeeld naar een meer open houding: eerst luisteren naar het verhaal van een mens die zijn of haar geloof uitdrukt en dan kijken of we er het evangelie in kunnen herkennen. Dat is de basis om oprecht met iemand in dialoog te gaan.

Het verhaal wordt door de liturgie verbonden met de profetie van Jesaja in de eerste lezing die in zijn slothoofdstukken het perspectief van het volk verruimd tot heel de mensheid. De mens wordt niet aangesproken op zijn nationaliteit of herkomst, maar op zijn/haar inzet voor recht en gerechtigheid. Jesaja legt als het ware andere criteria aan om daadwerkelijk een kind van Israël te zijn.

In onze tijd worden grenzen steeds belangrijker gevonden: zowel binnen de Europese Unie als in de wereld daarbuiten worden grenzen en nationale identiteit gebruikt als politieke instrumenten. Mensen vechten voor hun land of hun clan en de anderen moet zichzelf maar redden. Dat staat in tegenstelling tot de boodschap van het koninkrijk.

Nu we dit weekeinde in gebed en vrijgevigheid stilstaan bij de explosie in Beiroet zien we hoe maatschappelijke, sociale en religieuze verdeeldheid een land kan verlammen en tot het fundament afbreken. Wanneer bepaalde groepen macht claimen en hun macht misbruiken voor hun eigen belang, raakt het klassieke evenwicht tussen de bevolkingsgroepen uit balans, met catastrofale gevolgen. Eeuwen lang leefden in Libanon bevolkingsgroepen in redelijke verdraagzaamheid naast elkaar en er was een politieke vertaling van die verhoudingen. Die zijn compleet scheef getrokken met geweld, oorlog en corruptie tot gevolg. Is er toekomst?

Mensen moeten worden aangesproken op het gehalte van wat Jesaja beschrijft: is er inzet voor werkelijke rechtvaardigheid? In het evangelie wordt genezing gevraagd voor een zieke dochter. Vandaag staat die dochter voor Libanon, misschien wel voor heel de mensheid. Laten wij ons in gebed aansluiten bij de Kanaänitische vrouw die bidt om genezing en herstel van Beiroet en Libanon, die bidt om genezing voor heel de mensheid. Laten ook wij net als deze vrouw uit Libanon getuigen van ons geloof en onze inzet tonen voor onze wereld. Amen.