LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Korte verkondiging tweede zondag na Pasen

De eerste paasweek is vol van verhalen van ontmoetingen. In deze ontmoetingen is de verrezen Heer aanwezig. In de ogen van anderen zien we de aanwezigheid van de Schepper. Momenteel zijn ontmoetingen risico-momenten: we kunnen elkaar besmetten. Ontmoetingen op 1,5 meter: zijn dat nog ontmoetingen te noemen? De kern van een ontmoeting wordt ons getoond vandaag in het verhaal van de apostel Thomas: zijn ontmoeting gaat niet voorbij aan de wonden van de gekruisigde. Hij herkent Jezus niet aan zijn woord ‘vrede’, maar hij herkent hem pas wanneer hij ziet waar die vrede doorheen is gegaan, wat die vrede te verduren heeft gehad. Pas als hij ziet dat Jezus die vrede heeft moeten bevechten, is de verrezen Heer geloofwaardig. Zo maakt op ons een mens grote indruk die de vrede in zijn/haar leven na een zware strijd gevonden heeft.

Homilie
Thomas herkent Jezus aan zijn wonden. Wat er niet had moeten zijn, het lijden, de dood, is tot herkenningsteken geworden. Meer dan een manier om de echtheid van Jezus te verifiëren, zegt dit verhaal alles over wie de mens is. Mysterieus blijft waarom Johannes het nodig vindt om hier de bijnaam van Thomas te noemen: Didymus. De tweeling. Wie is dan zijn tweelingbroer?

Op de eerste plaats zijn wij dat zelf, omdat ook wij na Pasen voortdurend blijven bewegen tussen geloof en ongeloof. We hebben het eeuwenoude getuigenis gehoord, gebaseerd op een oud verslag van ooggetuigen. Dit verslag van de eerste leerlingen, de vrouwen, is bevestigd door wat de kerkgemeenschap sindsdien heeft gebouwd op dit getuigenis. Ook wij willen zeker weten dat de verhalen gebaseerd zijn op de realiteit van de gekruisigde: we kunnen niet aan die vraag voorbij gaan. Dat komt ook omdat wij nog steeds, na Pasen, geconfronteerd worden met lijden, zoveel lijden, dat blijkbaar in de loop van de geschiedenis maar niet minder wordt. De voortschrijdende kennis en technologie kunnen blijkbaar het lijden niet aan. Net als Thomas worden wij voortdurend geconfronteerd met de wonden van de mensheid. Pasen maakt ons desalniettemin niet moedeloos, maar geeft ons de hoop dat we antwoord kunnen geven op dat lijden; een antwoord van menslievendheid, trouw en naastenliefde.

Op de tweede plaats is Thomas de tweelingbroer van Jezus zelf. De Rabbi die zoveel geleerd heeft over de scheppende kracht van Gods woord, dat Hem in de mond gelegd is. Dat Woord heeft in het leven van Jezus mensen nieuw leven gegeven, heeft hen opgericht. Hun wonden heeft Jezus opgenomen, meegenomen op het kruis. Thomas wil zich niet van die wonden verwijderen. Voor hem is dit dragen van de wonden van de mensheid het herkenningsteken van de Messias. Navolging van deze Messias betekent evenzeer de wonden van anderen niet uit de weg gaan. Het aanraken van de wonden van Jezus geeft uitdrukking aan het verlangen om Jezus na te volgen, ook in de confrontatie met het lijden van de mensheid. Thomas wil zijn broeder zijn, en zo mogen wij ook het verlangen dragen om Christus’ broeder, Christus’ zuster te zijn.

De gebrokenheid van Jezus herstelt de eenheid. Het gebroken brood is teken van leven en eenheid. Het gebroken brood brengt ons samen. Er is leven voorbij de gebrokenheid, er is liefde voorbij het lijden. Het lijden wordt in dit brood geconsacreerd. Het wordt niet goed gepraat of gerechtvaardigd of gebagatelliseerd, het gebroken brood is geen zoetgevooisd: “ach het komt allemaal goed.” Het geconsacreerde brood dat gebroken wordt, vertelt dat God een mens niet verlaat wanneer hij/zij gebroken wordt, sterker, het mens zijn wordt opnieuw geschonken in Pasen. Wie littekens draagt van zijn/haar lijden, wordt herschapen tot een nieuwe mens, Het is de liefde die hem/haar een nieuw bestaan schenkt. Het doopsel dat we ontvangen hebben is daar het teken van. Het is de trouw van God in het lijden die ons maakt tot een nieuwe mens, de nieuwe Adam die de oorsprong weer zichtbaar maakt, bevochten op het lijden en de dood. Amen.