LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Verkondiging 29 december 2019, Heilige Familie

Lezingen
Sirach 3, 3-7.14-17a
Psalm 128
Kolossenzen, 3, 12-21
Mattheüs 2, 13-15

Welkom
Welkom op deze laatste zondag van het jaar. In het evangelie van Mattheüs neemt Jozef het voortouw. Hij wordt aangespoord door de engel die er geen doekjes om windt: Sta op! Tot twee keer toe en Jozef gaat, tot twee keer toe. Meer dan van daadkracht spreekt dit verhaal van een gelovige houding die in vertrouwen op Gods voorzienigheid een nieuwe en onbekende weg inslaat. God biedt veiligheid in een vijandige wereld, en het zijn mensen die kiezen om die veiligheid op te bouwen en daarin te leven. Waar vinden wij onze veiligheid: vinden we die in ons gezin, in ons huishouden, in ons thuis? Is die op God gebouwd? Bidden we in deze viering voor alle gezinnen en huishoudens, dat er vrede en veiligheid mogen zijn, veiligheid voor kinderen en jongeren in onze wereld.

Homilie
Broeders en zusters, vrienden van Jezus,
In het korte verhaal van Mattheüs worden ons twee werelden gepresenteerd. Ten eerste de wereld van Jozef, Maria en Jezus, waar zorg en aandacht centraal staan. Juist om dat te bewaren moet Jozef met zijn gezin vluchten, want die andere wereld is de wereld van Herodes. Deze wereld is onverdraagzaam, angstig en gewelddadig. Terwijl Jozef luistert en de opdracht van de engel in vertrouwen opvolgt, is er bij Herodes geen vertrouwen maar angst. Het vertrouwen van Jozef leidt tot daadkracht: hij staat op en hij gaat. Hij verstaat de boodschap van de engel en komt in beweging. Hij reageert met zorg voor het kwetsbare Kind en zijn moeder. In de wereld van Herodes heerst een andere toon. We kennen de geschiedenis die aan dit verhaal vooraf gaat: de wijzen uit het Oosten. Daaruit weten we dat Jeruzalem onder het bewind van Herodes een angstige stad is geworden: Herodes raakt in paniek als hij hoort van een Koningszoon. Omdat de inwoners van de stad zich afhankelijk weten van zijn machtspositie, raken ook zij in paniek. Herodes had zijn eigen twee zoons al laten ombrengen uit angst om door hen aan de kant geschoven te worden. Nu hij hoort dat er opnieuw een koningszoon is verschenen, iemand die een troonpretendent is, dan kan hij dat niet anders dan als een bedreiging verstaan. Dit openbaart dat zijn troon niet gevestigd is op gerechtigheid en Godsvertrouwen. Het betekent ook dat hij als koning niet dienstbaar is, maar slechts zijn eigen macht wil vasthouden. Een gebeuren zoals dit verhaal in het evangelie, helpt ons om mooie woorden van de machtigen door te prikken en te ontmaskeren.

Om ons in die wereld van Jozef en zijn gezin te verdiepen, gaan we te rade bij de passage van Paulus in de tweede lezing. Het is een zogenaamde code voor het huishouden die hij hier uitwerkt. De omgang van de leden van het gezin met elkaar is een vertaling van de evangelische waarden in een concreet samenlevingsmodel. Niet vanzelfsprekend, omdat in de tijd van Paulus een gezin onderdeel was van een groter geheel en meer een economische eenheid was. Het was gebaseerd op formele relaties waarover tussen rijke families stevig onderhandeld werd. Bij de eenvoudige onderlaag van de samenleving werd niet zo naar deze waarden gekeken. Paulus biedt dus een ander model. Hij bouwt voort op het vierde gebod dat gaat over de harmonie tussen de generaties. Eerbied voor ouders is geen blinde gehoorzaamheid en neemt de bewegingsruimte voor de nieuwe generatie niet weg, maar het is het bewustzijn dat er een keten van generaties is waarlangs de boodschap van Gods liefde en barmhartigheid doorgegeven wordt. Iedere generatie moet dat opnieuw gestalte geven en daar zit tussen de generaties altijd een zekere spanning: kinderen willen het vaak graag anders doen dan hun ouders, tenminste zeker in een bepaalde periode van hun leven.

Het commentaar van de wijsheid van Jezus Sirach in de eerste lezing spreekt van onderlinge eerbied en respect die ook rekening houdt met verschil in krachten. Als de kinderen klein zijn, domineren vader en moeder over hun kwetsbare kinderen. Dat is een verantwoordelijkheid die zij van God ontvangen. Kinderen opvoeden doe je niet alleen voor je eigen belang of het belang van het gezin, maar hoort bij de opdracht die mensen van God ontvangen. Op hun beurt dienen de kinderen wanneer zij in hun kracht komen te staan en hun ouders in kracht kunnen overvleugelen, deze kracht te gebruiken om hun ouders te steunen. Het is gemakkelijk om kwetsbare ouders te verachten en hen als minder waard af te schrijven. Dit zal de kinderen echter ook zelf kunnen overkomen, wanneer zij oud en kwetsbaar geworden zijn.

Drie stappen worden er dus gezet: het vierde gebod van Exodus, het commentaar uit de wijsheid van Jezus Sirach en tenslotte de code van de apostel Paulus. Dat is het fundament voor de wereld van Jozef, Maria en het Kind. Uiteindelijk staan deze gezinnen en families model voor de kerk. In de kerk, die in de oude tijd ook Familia Dei genoemd wordt, zijn niet de bloedbanden het fundament, maar de band van het geloof. Het doopsel en het geloof maakt ons tot broeders en zusters. En zoals in het gezin de verschillende generaties voor elkaar zorgen, zo mag dat ook in de kerk gebeuren. En op haar beurt is de kerk bedoeld als alternatief voor de wereld, of beter gezegd: een model waar de wereld naar toe kan groeien. Ook hier dus drie stappen: we kunnen in het klein oefenen in ons gezin, het vervolgens verder gestalte geven in de kerk, om tenslotte een model te zijn voor de wereld.

Er is nog een lange weg te gaan. Maar laten we net als Jozef die in de angstige en harde wereld van Herodes leeft, trouw blijven aan de waarden die het evangelie ons aanreikt. Amen