LogoAdVanDerHelm

kaarsjes

Korte verkondiging zevende zondag van Pasen

Op deze zondag van gebed om de heilige Geest, zien we uit naar een hervatting van de liturgie in de kerk. Allerlei restricties vanaf 1 juni, maar de kerk kan weer gebruikt worden waar ze voor bedoeld is: liturgie is het werk van gehele volk, zoals de Geest bedoeld is voor het hele volk. Het gebed om de Geest dat de Kerk deze negen dagen bezig houdt, doet ons beseffen dat heel de kerkgemeenschap vervuld kan raken van de Geest van Gods barmhartigheid. Dat is de droom van de profeten. Is dat een utopie? Waarschijnlijk wel, maar toch verlangen we daarnaar. We streven ernaar opdat zoveel mogelijk mensen hun rol zien en hun roeping verstaan: een mens te zijn vervuld van Gods Geest.

Homilie
De sabbatsreis die in de Handelingen wordt genoemd, kunnen we enerzijds beschouwen als een technische aanduiding: het is de maximale afstand die een Jood op sabbat mocht afleggen. Inspanning en werk zijn niet toegestaan op sabbat. De mens moet zich daarin beperkingen opleggen om te delen in de rust van God die een integraal onderdeel uitmaakt van het scheppingsproces. De aarde is in zeven dagen geschapen, inclusief deze rustdag. Zo hoort ook deze periode van negen dagen na Hemelvaart bij de Paastijd. Ook al is Jezus volgens de verhalen opgenomen in de wolk van Gods aanwezigheid, we vieren nog steeds de kracht van Gods leven. Christus heeft de dood overwonnen. Daardoor is ook ons leven uiteindelijk van God.

De sabbatsreis verwijst naar de rust die God genoten heeft bij de schepping en verwijst naar de rust die wij in ons leven kunnen inbouwen. Ook die rust is scheppend, een bron van nieuw kracht en levensenergie. Die wordt ons nu door deze crisis extra afgedwongen, maar we weten daar dus ook ons voordeel uit te halen. De sabbatsreis is ook een symbolische reis. In het verhaal van de Handelingen leidt die door het dal tussen de Olijfberg en Jeruzalem. Wie het landschap kent, weet dat je dan door het dal van de Kidron-beek moet en dat is een diep dal. De weg van de leerlingen tussen Hemelvaart naar Pinksteren is het afdalen in een dal en vervolgens een opklimmen naar de berg van de bovenzaal waar zij in gebed wachten op wat komen gaat.

De sabbatsreis tekent de hele weg van de leerlingen met Jezus: het dieptepunt van Goede Vrijdag en de ontmoeting van Pasen met de verrezen Heer, het dieptepunt van de duisternis bij Christus’ levenseinde en het nieuwe licht van Pasen. Maar de sabbatsreis laat ook de geschiedenis van de mensheid zien: telkens zijn het de duistere perioden die ons onzeker maken. Of het nu oorlog is of ziekte of haat en discriminatie of kindermisbruik en machtsmisbruik: telkens steekt de duisternis de kop op en moeten we ons als mensen en als gelovigen hervinden en weer opnieuw de berg naar Jeruzalem beklimmen. Is het dan een vicieuze cirkel? En soort Sisyphus kwelling? De sabbatsreis leidt wel degelijk naar een nieuwe toekomst. Sabbat is de rustdag, de vrede en de harmonie tussen God en de mens, de harmonie van de mens met zijn/haar bestaan. Dat is wel degelijk het perspectief van Pasen: dat perspectief inspireert ons omdat we weten dat dit de richting is, onder handbereik.

In zijn bemoedigend gebed, spreekt Jezus dat Hij en de Vader één zijn en dat dit de reden is dat Jezus naar de mens gekomen is, opdat de mens zal delen in die eenheid. Uiteindelijk is dat het mens-zijn: vervuld zijn van de Geest van Jezus die ons verbindt met de bron van het leven, met de Vader zelf die ons geschapen heeft. De rust van de sabbat is een deel van onze identiteit: dan is er ruimte voor God om in ons leven te zijn. Dat kan niet zonder de naaste, dat weten we door Jezus heel goed; ons geloof is geen abstracte filosofie die vrijblijvend is. Het is het fundament van waaruit we leven, het is de sabbat van Jeruzalem. Wij die onderweg zijn op onze sabbatsreis kunnen die opklimming maken naar de bovenzaal van Pinksteren. Mogen we kracht ontlenen aan dat gebed en aan dat perspectief. Amen.

Korte verkondiging Hemelvaart

Vandaag moesten we uitslapen. We konden niet om half zes verzamelen in de kerk om te bidden en te wandelen naar Oud Eyk en Duinen. Ik hoop dat we later in het jaar de bedevaart alsnog zullen maken in betere tijden. Dus we kunnen vandaag eenvoudigweg Hemelvaart vieren. Van deze dag zijn er vele afbeeldingen gemaakt waarbij we de Heer zien opstijgen als een soort primitieve raket. Het spoor waar Hij zich met kracht afgezet heeft om de weg naar boven te maken, is nog zichtbaar op de Olijfberg. Het is mooi hoe plastisch daarover vroeger werd nagedacht! De afdruk is te vinden in een moskee die één keer per jaar wordt omgetoverd tot kerk. Deze afbeeldingen onthullen waar we de hemel zien: ver boven ons in de kosmos verscholen! Vandaag denken we na over de wijze waarop de Heer met zijn liefde en barmhartigheid onder ons aanwezig blijft.

Homilie
De dwaze moeders van Argentinië demonstreren tot op de dag van vandaag wekelijks op donderdag voor hun vermiste kinderen. Vanaf de jaren zeventig, onder het regime van Videla, verdwenen duizenden mensen. Door de protesten van deze vrouwen bleven zij ‘presente’. De aanwezigheid van de vrouwen met de witte hoofddoeken op het Plaza de Mayo vertegenwoordigt de aanwezigheid van de afwezigen. De namen van verdwenen mensen staan geschreven in het hart van de moeders en blijven daarom deel van onze geschiedenis. Namen zijn aanwezig in onze herinnering en ons geweten. Namen worden opgetekend op monumenten en worden bij herdenkingen voorgelezen. Zoals in januari van dit jaar er vijf dagen en nachten nodig waren om de namen voor te lezen van de 102.000 namen van gestorven Joden en Roma en Sinti en anderen die vanuit Westerbork zijn weggevoerd en niet zijn teruggekomen omdat zij vermoord zijn.

“What’s in a name? ” Een naam drukt een symbolische aanwezigheid uit die kostbaar is. Wij dragen allemaal namen en gezichten mee van hen die verdwenen zijn. Meestal niet zo dramatisch als de verdwenen mensen uit Argentinië. Maar in de wereld worden nog steeds mensen vergeten. Het sterven van Christus staat niet op zichzelf: in zijn sterven is het sterven van al die uitgestoten en vergeten mensen zichtbaar geworden. Hun leven is niet verdwenen; net als het leven van Jezus die voor de mens de weg gebaand heeft, zijn zij geborgen in de liefde van God. Wij geven hun een naam en geloven dat hun namen staan geschreven in de palm van Gods hand.

God zelf heeft geen naam, maar God wordt al in Exodus aangeduid met ‘Zijn’. God is. Hij is het Zijn zelf. In zijn spreken verwijst Jezus in het Johannes evangelie vaak naar het Zijn van God door uitdrukkelijk te verwijzen naar de Godsnaam en zich daarmee te verbinden: met Hemelvaart vieren we dat Christus na zijn sterven en verrijzen weer met dat Zijn verbonden is.

Hemelvaart is dus nadenken over aanwezigheid. Als wij de hemel zien als een plek ver weg in de kosmos waar je je voor moet afzetten om daar ooit te komen, missen we de essentie van het verhaal. De essentie is niet zozeer de richting omhoog, maar de richting van de wolk waarin Jezus opgenomen wordt, de wolk van Gods aanwezigheid. Een wolk kunnen we zien. Deze kan ons het zicht ontnemen, maar we kunnen de wolk niet grijpen en niet vangen. De wolk is aanwezig maar onttrekt zich aan onze macht. Deze wolk is echter niet angstaanjagend. De wolk stelt ons gerust en voedt ons vertrouwen: ook in deze periode verlaat God de mensheid niet. Hij blijft aanwezig met zijn heilige Geest die in ons woont.

Zo kiest Jezus door de wolk van Gods aanwezigheid een manier om nog dichter bij ons te zijn: een aanwezigheid die niet beperkt wordt door een fysieke en geografische aanwezigheid, maar zoals een wolk: ongrijpbaar, maar omhullend en vervullend. Een wolk van barmhartigheid en vrede, een wolk die ons hart vervult en vrede geeft. Mogen wij deze ervaren wanneer we de namen van onze dierbaren aanroepen en hen aanbevelen aan de wolk van Gods barmhartige aanwezigheid. Mogen wij door deze Hemelvaart ervaren dat Gods barmhartigheid die zichtbaar geworden is in het gelaat van Jezus, ons niet meer zal verlaten. Amen.

Korte verkondiging vierde zondag na Pasen - roepingenzondag

Vandaag leidt de Herder ons naar buiten. Dat is te verleidelijk in deze coronatijden: we mogen juist amper naar buiten. We zitten al weken vast in ons huis, in ons eigen kringetje. Er wordt wel thuis gewerkt en via zoom of teams vergaderd, maar de wereld is kleiner geworden, kleiner dan we gewend zijn. Dan helpt de aansporing van Gregorius de Grote: Jezus leidt ons naar de innerlijke velden, daar waar God tot ons spreekt, daar waar God ons de uithoeken van ons persoonlijk leven leert kennen. Kennen we onszelf voldoende? Ons kennen is stukwerk, zegt Paulus. Slechts in God zullen we ons zelf kennen zoals we zijn, zoals we door God gekend zijn. Onze roeping is het, die weg te gaan.

Homilie
De schapen die de stem van de herder kennen, durven het aan om met Hem naar buiten te gaan. Er zijn huurlingen en dieven, die ook zich richten tot de schapen. Het is hun doel om de schapen te roven en hun leven te beschadigen. Er zijn ook veel stemmen die slechts onrustig maken en die verdelen en die mensen tegen elkaar opzetten. De Goede Herder wijst de juiste wegen. Het is opvallend dat het doel van de Herder niet het verzamelen van de schapen in de stal is, om hen bij elkaar te laten schuilen. Nee ze worden geroepen om uit te gaan, de wereld in. Dat is leven in overvloed!

We worden vaak geconfronteerd met dichte deuren. Dat zijn de deuren van de onmogelijkheden, van zaken die verboden zijn of die niet mogelijk zijn. De afgesloten wegen, de gemiste kansen, de keuzes die niet gemaakt zijn. Het leven van de mens kan soms getekend worden door dichte deuren. De verhalen van Israël vertellen van nieuwe deuren die open gaan en die door de profeten gewezen worden: Noach die in de dreiging van de ondergang een schip bouwde, Mozes en Jozua die door het water een weg wezen naar het beloofde land. David die in de zoektocht naar een rechtvaardige koning het voorbeeld gaf.

De zoektocht waar Jezus ons bij begeleidt, is de zoektocht naar God. Wie is God? Waar is Hij te vinden? Die zoektocht is geen abstracte vraag die je uitsluitend in de studeerkamer of in de afgeslotenheid van je binnenkamer kunt beantwoorden. Het is de kennis van de ander die ons op het spoor brengt van de kennis van de Ander. De beweging die Jezus ons aanwijst is de dubbele beweging naar buiten en naar binnen. Door de weg naar binnen, leren we ook het buiten te verstaan en kunnen we met nieuwe kracht naar buiten. Die twee bewegingen horen onlosmakelijk met elkaar samen. Nu we niet zo makkelijk fysiek naar buiten kunnen, vangen we dat op met het digitale netwerk. Gelukkig zijn er vele manieren om met de wereld in contact te blijven: nieuwsberichten en beelden van de wereld waarin we leven. Mijn vraag vandaag is simpelweg: hoe staan we in die digitale wereld? Is die slechts een hulpmiddel om op de hoogte te blijven van wat er gebeurt? Om de nieuwe cijfers van het RIVM te weten? Of gebruiken we die digitale wegen om ons innerlijk te verkennen? Wat ontroert ons, wat raakt ons, wat verrijkt ons? Is het informatie die buiten ons blijft, of raakt het ook ons innerlijk? Zijn de digitale kanalen wegen om de ander te leren kennen en te beseffen hoe wij de ander nodig hebben, hoe de ander een deel van ons eigen bestaan is, hoe de ander onze identiteit opbouwt? Fundamenteel is de vraag of we door de digitale wegen ook de ander kunnen ontvangen als een geschenk van de Eeuwige die ons daardoor onszelf doet kennen. De ander is geen objectieve werkelijkheid die naast ons staat: de naaste is onze broeder en zuster, die een deel uit maakt van ons eigen leven, die ons maakt tot wie wij zijn, hoe lastig die het ons soms ook kan maken.

Als die digitale manieren om uit te gaan, de Herder achterna, niet die rijkdom brengen, zullen zij geen vruchten dragen en zal deze crisis ons leven en onze wereld niet veranderen. Misschien is dat de uitdaging nu, om op een nieuwe manier nog intenser met de ander verbonden te zijn.

Laten we op deze zondag van roepingen ook bidden voor mensen, mannen en vrouwen die ons in de kerk die weg kunnen wijzen, als pastores, priesters, diakenen, pastoraal werkers en catecheten om ons voor te gaan op die wegen. De Herder laat zijn kudde nooit alleen. Amen.